Algemeen nuttige activiteiten zijn activiteiten waarmee de doelstelling van de instelling inhoudelijk wordt verwezenlijkt of bevorderd. Activiteiten zijn geen algemeen nuttige activiteiten indien de instelling het geheel van die activiteiten tegen commerciële tarieven verricht (zie in dit verband ook artikel 1a, vijfde lid, UR AWR).
Uit de toelichting13Zie Stcrt. 2012, 12737. volgt dat het met de invoering van artikel 1a, vijfde lid, UR AWR niet langer relevant is of met bepaalde afzonderlijk te onderscheiden algemeen nuttige activiteiten een positief resultaat wordt behaald. Dat is anders wanneer met het geheel van alle algemeen nuttige activiteiten een positief resultaat wordt behaald.
Ter verduidelijking loopt de beoordeling van activiteiten als volgt:
Eerst wordt bepaald wat de aard van de activiteiten is (waar zijn deze op gericht?). Een activiteit waarmee inhoudelijk de doelstelling van de instelling wordt verwezenlijkt of bevorderd, is een algemeen nuttige activiteit, behoudens situaties zoals beschreven onder 2. Deze activiteit kan voor die instelling nooit als commerciële activiteit worden gekwalificeerd. Ook niet bij het hanteren van een commercieel tarief.
De tweede volzin van artikel 1a, vijfde lid, UR AWR leidt tot de kwalificatie dat alle algemeen nuttige activiteiten als niet-algemeen nuttig moeten worden bestempeld als het geheel van de algemeen nuttige activiteiten (lees: per saldo) tegen een commercieel tarief wordt aangeboden.
Voorbeeld:
Een stichting die is aangemerkt als culturele instelling exploiteert een museum. Om de kosten van het museum (bijvoorbeeld onderhoud en de restauratie van de collectie) te kunnen dekken verwerft de stichting op diverse manieren inkomsten. Zo worden binnen de stichting ook een museumwinkel en een horecagelegenheid geëxploiteerd.
De museumactiviteit is aan te merken als een algemeen nuttige activiteit, nu deze inhoudelijk het doel van de stichting verwezenlijkt/bevordert. Het saldo van baten en lasten samenhangend met deze algemeen nuttige activiteit mag tezamen met eventuele andere algemeen nuttige activiteiten per saldo niet positief zijn.
Met de winkel en de horecagelegenheid wordt inhoudelijk niet het doel van de stichting verwezenlijkt/bevorderd (dus geen algemeen nuttige activiteiten). Deze activiteiten zijn wél nodig om de algemeen nuttige activiteiten te financieren en kunnen daarom in principe als commerciële (fondswervende) activiteit kwalificeren. Het uitoefenen van commerciële (fondswervende) activiteiten staat er niet aan in de weg dat een instelling de ANBI-status verkrijgt of behoudt mits de inkomsten uit deze activiteiten (nagenoeg) geheel ten goede komen aan de algemeen nuttige doelstelling van de ANBI en de instelling overigens aan alle verdere ANBI-vereisten voldoet.
Commerciële tarieven zijn tarieven die de integrale kostprijs van de verrichte diensten of de geleverde goederen te boven gaan. Bij het beoordelen of sprake is van commerciële tarieven (artikel 1a, vijfde lid, UR AWR) tellen alleen de kosten mee die zijn toe te rekenen aan de algemeen nuttige activiteiten die passen binnen de doelstelling van de instelling. Om hier invulling aan te geven gelden enkele uitgangspunten:
Er mag geen rekening worden gehouden met fictieve vrijwilligerskosten voor de inzet van vrijwilligers bij de algemeen nuttige activiteiten. Enkel met de daadwerkelijk gemaakte kosten.
Of rekening mag worden gehouden met een dotatie aan een voorziening is afhankelijk van het doel/de reden waarvoor deze voorziening is gevormd en of een voldoende causaal verband bestaat met de desbetreffende algemeen nuttige activiteit.
Of rekening mag worden gehouden met een afschrijving op activa is afhankelijk van of het activum wordt gebruikt voor de desbetreffende algemeen nuttige activiteit.
Geen rekening mag worden gehouden met een toevoeging aan een op grond van artikel 1b UR AWR aanvaarde reserve (bijvoorbeeld indexatie van het stamvermogen, reservering voor een nieuw bedrijfspand of een toevoeging aan de continuïteitsreserve).
Rekening mag worden gehouden met steunuitgaven aan andere ANBI’s, mits deze uitgaven passen binnen de algemeen nuttige doelstelling van de instelling en daarmee kunnen worden aangemerkt als algemeen nuttige activiteit van de instelling zelf. Ook kan rekening worden gehouden met algemeen nuttige uitgaven (projectmatig) aan niet-ANBI’s.
Artikel 8
Algemeen nuttige activiteiten versus commerciële activiteiten
Onderdeel van Besluit ANBI· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 4 juli 2025