In dit document verwoordt het BFT zijn Handhavingsbeleid dat het toepast voor de handhaving van de bepalingen van de wet- en regelgeving waarop het toezicht houdt, uit hoofde van de aan het BFT bij die wetten toegewezen toezichtstaken. Denk daarbij aan de Wet op het Notarisambt, de Gerechtsdeurwaarderswet, de Wet kwaliteit incassodienstverlening en de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
Het BFT draagt bij aan de rechtszekerheid en de integriteit van het financieel-economische stelsel in Nederland. Handhaving door het BFT staat altijd in het teken van de bescherming van de maatschappelijke belangen bij een goed functioneren van een beroepsbeoefenaar.
Het toezicht levert daaraan een belangrijke bijdrage. In dat kader kan normconform gedrag worden bereikt door de inzet van instrumenten (hierna: “handhavingsinstrumenten”). Het hierna beschreven handhavingsbeleid geeft inzicht in de uitgangspunten en factoren die voor het BFT richtinggevend zijn bij het bepalen van de inzet van handhavingsinstrumenten.
Het document is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 worden de uitgangspunten voor handhaving uiteengezet. Deze uitgangspunten spelen een belangrijke rol bij de wijze waarop een passend handhavingsinstrument wordt gekozen. In hoofdstuk 3 worden de handhavingsinstrumenten nader toegelicht. De factoren die een rol spelen bij de keuze voor een handhavingsinstrument worden besproken in hoofdstuk 4. Wanneer er wordt gekozen voor het opleggen van een boete is een boetetoemetingsbeleid nodig om de hoogte van de boete te bepalen. Het boetetoemetingsbeleid is te vinden in hoofdstuk 5. Tot slot staat hoofdstuk 6 stil bij de openbaarmaking van besluiten en de verantwoording.
Artikel 1
Inleiding
Onderdeel van Handhavingsbeleid van het BFT· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 18 juli 2025