Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Uitgangspunten voor handhaving

Onderdeel van Handhavingsbeleid van het BFT· Bank- en effectenrecht, financiering

Deze tekst geldt sinds 18 juli 2025

Het BFT richt zich op naleving van de normen die in verschillende wetten -en regelgeving zijn neergelegd. Uitgangspunt is dat een ieder zich uit eigen beweging normconform gedraagt. Het reguliere toezicht daarop levert daaraan een belangrijke bijdrage. Wanneer het reguliere toezicht niet het gewenste effect heeft of naar verwachting zal hebben, kan dit worden bereikt door de inzet van verschillende handhavingsinstrumenten. Bij de keuze tussen de handhavingsmogelijkheden geldt het uitgangspunt: “terughoudend waar het kan, doortastend waar het moet”. Het doel van het handhavend optreden is enerzijds het bereiken van normconform gedrag en anderzijds heeft het – bij ernstige of grotere normafwijkingen- een meer corrigerend karakter. Voor de inzet van de hierna te bespreken handhavingsinstrumenten zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd: Optreden zodra bekend met een normschending cq. overtreding Als het BFT bekend raakt met een situatie waarin het normenkader niet wordt nageleefd, kan handhavend worden opgetreden. De keuze voor de inzet van een handhavingsinstrument en de wijze waarop het handhavingsinstrument wordt ingezet, hangt af van diverse factoren, welke staan vermeld onder hoofdstuk 4. Optreden afhankelijk van de inhoud en de strekking van de norm Bij de inzet van handhavingsinstrumenten houdt het BFT rekening met de ernst van de normschending en de bedoeling van de norm. Naar mate de ernst van de overtreding en de mate van verwijtbaarheid van de overtreder toenemen, ligt het inzetten van een formeel handhavingsinstrument eerder in de rede. Optreden op effectieve en efficiënte wijze De keuze voor het inzetten van een bepaald instrument en de wijze waarop dit wordt ingezet, dient telkens in een concrete situatie bekeken te worden tegen de achtergrond van de specifieke omstandigheden van dat geval. Door middel van maatwerk wordt per situatie bepaald welk instrument het meest effectief is om het doel te bereiken dat met de inzet van het instrument wordt nagestreefd. Optreden gericht op het bereiken van normconform gedrag De onder toezicht staande kenmerkt zich in zijn algemeenheid door een hoge mate van verantwoordelijkheidszin om te voldoen aan het normenkader. De wijze waarop het BFT optreedt, is bij alle onder toezicht staanden gericht op het bevorderen van normconform gedrag. Herstel en preventie De inzet van de handhavingsinstrumenten is mede gericht op herstel van de normschending cq. overtreding. Als dat niet meer mogelijk is, is het gericht op het voorkomen van herhaling van de normschending. Met andere woorden: handhavend optreden is er altijd op gericht ervoor te zorgen dat de onder toezicht staanden zich houden aan de wet-en regelgeving.

Rechtspraak bij dit artikel