Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Privéonttrekkingen en bedrijfsbeëindigingen

Onderdeel van Besluit maatstaf van heffing omzetbelasting· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 7 oktober 2025

Voor de fictieve leveringen als bedoeld in artikel 3, derde lid, van de wet bestaat de vergoeding uit de aankoopprijs van het goed of de aankoopprijs van een soortgelijk goed of, indien er geen aankoopprijs is, de kostprijs berekend op het tijdstip waarop deze handelingen worden uitgevoerd. De aankoopprijs van het goed, de aankoopprijs van een soortgelijk goed of de kostprijs moeten worden bepaald naar het tijdstip waarop de fictieve levering plaatsvindt (geactualiseerde aankoopprijs/kostprijs). Bij een soortgelijk goed gaat het om een goed, dat zich in dezelfde staat bevindt als het gelijkgesteld geleverde goed. Voor fictieve leveringen die kort na de aanschaf van het goed plaatsvinden, kan het vaststellen van de geactualiseerde aankoopprijs tot een onevenredige lastenverzwaring leiden. Daarom keur ik op grond van artikel 63 AWR het volgende goed. Ik keur onder de volgende voorwaarde goed, dat de historische aankoopprijs, exclusief btw, van een goed geldt als maatstaf van heffing voor de fictieve levering van artikel 3, derde lid, onderdeel a of c, van de wet. Voor deze goedkeuring geldt de voorwaarde dat de fictieve levering uiterlijk één jaar na aanschaf van het goed plaatsvindt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel