Naar hoofdinhoud

2 Hoofdstuk II

Artikel 2.18

AVI

Onderdeel van Beleidsregels risicoverevening 2026· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 25 oktober 2025

1. Het Zorginstituut baseert het geraamde aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium AVI op: de indeling in AVI-klassen 2026 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 14 van deze Beleidsregels; de leeftijd volgens het PKB 2024; de zelfstandigen volgens het zelfstandigenbestand 2025; de zelfstandigen volgens het zelfstandigenbestand 2024; de duurzaam en volledig arbeidsongeschikten, de overige arbeidsongeschikten, de bijstandsgerechtigden, de werklozen en de loontrekkers volgens het UWV-bestand met peildatum 30 juni 2024 en de eerdere UWV-bestanden tot en met 2019; de studenten en hoogopgeleiden volgens de opgave van DUO per gepseudonimiseerd burgerservicenummer met peildatum 1 juni 2024; het gepseudonimiseerde adres per gepseudonimiseerd burgerservicenummer in het belastingdienstbestand over 2024; het gepseudonimiseerde adres in het PKB 2024 in het geval een verzekerde niet is opgenomen in het belastingdienstbestand over 2024; en de historische indeling van AVI uit 2019 tot en met 2023. 2. Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b tot en met i, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2024 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 14 van deze Beleidsregels, in welke AVI-klasse een verzekerde wordt ingedeeld. 3. Vervolgens koppelt het Zorginstituut de verzekerden aan het PER 2025, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie per AVI-klasse, zoals bepaald in het tweede lid, gehandhaafd blijft. 4. Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium AVI naar de macroverzekerdenraming, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie per AVI-klasse constant blijft.

Rechtspraak bij dit artikel