Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Verdeling budgettair kader zin en pgb over de regio’s

Onderdeel van Beleidsregel budgettair kader Wlz 2026· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 30 oktober 2025

Het in artikel 4, derde lid beschreven Wlz kader wordt als volgt over de regio’s verdeeld. Eerst wordt het voorlopige pgb kader verdeeld over de regio’s door het procentuele aandeel in het bruto pgb kader 2025 (exclusief incidentele middelen en incidentele overhevelingen) van 15 juni 2025 te vermenigvuldigen met 97% van het voorlopige pgb kader 2026. Het voorlopige pgb kader 2026 wordt gebaseerd op basis van de Meerjarige voorlopige kaderbrief 2026–2030 van 10 juli 2025 (kenmerk 4154805-1085543-LZ). Vervolgens wordt de voorlopige contracteerruimte verdeeld over de regio’s door het regiobudget 2026 te verminderen met 0.86 maal voorlopige pgb kader. Het regiobudget 2026 bestaat uit het procentuele aandeel in het bruto Wlz kader 2025 (exclusief incidentele middelen en incidentele overhevelingen), vermenigvuldigd met 97% van het geschoonde Wlz kader 2026. Het geschoonde Wlz kader 2026 is het voorlopige netto Wlz kader 2026 exclusief herverdelingsmiddelen. Het voorlopige netto Wlz kader 2026 wordt gebaseerd op basis van de Meerjarige voorlopige kaderbrief 2026–2030 van 10 juli 2025. Bij de definitieve verdeling (oktober 2025) wordt de verdeling volgens lid 1 onder a gecorrigeerd voor verdeelmodel Wlz en flankerend beleid. Hiertoe worden de volgende stappen doorlopen: Op het netto Wlz-kader 2026 wordt het verdeelmodel en flankerend beleid toegepast3In de technische bijlage bij de beleidsregel wordt het verdeelmodel Wlz en het flankerend beleid in detail beschreven. Het netto Wlz kader 2026 wordt gebaseerd op basis van de Definitieve kaderbrief Wlz 2026. Het flankerend beleid wordt op zorgkantoorhouderniveau uitgevoerd. De berekende procentuele mutatie per zorgkantoorhouder die volgt uit het verdeelmodel en/of flankerend beleid wordt toegepast op de onderliggende zorgkantoorregio’s van de desbetreffende zorgkantoorhouder. Het netto kader Wlz 2026 wordt vervolgens toegedeeld naar zin en pgb volgens artikel 6. Er is € 390 miljoen beschikbaar aan herverdelingsmiddelen 2026. De NZa zal de Minister van VWS in 2026 informeren over de ontwikkelingen in het licht van de toereikendheid van het kader. Deze middelen worden zo nodig ingezet om budgettaire knelpunten in 2026 op te lossen. Indien er in 2026 herverdelingsmiddelen ter beschikking komen, wordt van deze herverdelingsmiddelen € 11 miljoen apart gehouden tot 1 september 2026. Deze middelen zijn bedoeld voor tekorten die leiden tot schrijnende gevallen in geval van absolute krimp van budget bij een zorgkantoor4In de technische bijlage bij de beleidsregel wordt dit beschreven..

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel