Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Bosbedrijfvrijstelling

Onderdeel van Inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, winst; landbouwproblematiek· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 15 november 2025

Artikel 3.11 Wet IB 2001 bepaalt dat voordelen uit een bosbedrijf zijn vrijgesteld. Vanuit de praktijk hebben mij signalen bereikt dat in toenemende mate discussie bestaat over de vraag op welke voordelen de vrijstelling van genoemd artikel van toepassing kan zijn. In dit onderdeel deel ik mijn standpunt. De wet kent geen definitie van het begrip bosbedrijf. Blijkens de wetsgeschiedenis6MvT, Kamerstukken II 1925/26, 266 nr. 3, en Kamerstukken II 1992/93, 23 197, nr. 3, p. 6. en jurisprudentie7Zie onder meer HR 19 november 1969, ECLI:NL:HR:1969:AX5313, HR 5 februari 1986, ECLI:NL:HR:1986:BH3461, HR 16 december 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2586, HR 21 november 2003, ECLI:NL:HR:2003:AN9631, HR 6 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:1437 en HR 14 maart 2025, ECLI:NL:HR:2025:387. moet het begrip bosbedrijf ruim worden opgevat. Het gaat daarbij om ‘beheer gericht op de instandhouding van opgaand hout in het algemeen’. Dat leidt tot de vraag wat onder opgaand hout en bos wordt verstaan. Opgaand hout betreft gewas met een houten stam die van nature – maar niet per definitie – niet direct vertakt aan de grond. Onderdeel van een bos kunnen heesters, struiken en andere planten zijn. Deze laatsten vertakken aan de grond. Enkel een verzameling of velden van deze laatstgenoemde gewassen maakt geen bos en aldus kan er voor deze activiteit geen sprake zijn van een bosbedrijf. In dit geval kan de vrijstelling van artikel 3.11 Wet IB 2001 geen toepassing vinden op de voordelen behaald met die gewassen. Om van een bos te kunnen spreken, zal het opgaande hout absoluut en relatief nadrukkelijker aanwezig moeten zijn ten opzichte van het aantal heesters, struiken en andere planten. Als er sprake is van een bosbedrijf dient het beheer gericht te zijn op de instandhouding van het opgaande hout. Instandhouding wordt in de regel aangenomen als niet meer wordt gekapt dan noodzakelijk is voor het behoud van het opgaande hout, en kappen zo nodig door een herbeplanting wordt gevolgd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel