Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 4

Eigen onderzoek

Onderdeel van Beleidsregel toetsing erkenningen aan de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Bibob) door de Dienst Wegverkeer· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 5 december 2025

1. De Bibob-toets start met een eigen onderzoek door de RDW. 2. In het kader van het eigen onderzoek vult betrokkene het Bibob-vragenformulier volledig in en verstrekt de daarin verzochte gegevens en bescheiden aan de RDW binnen twee weken na dagtekening van het verzoek dit vragenformulier in te vullen. 3. Het onderzoek naar de mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet bestaat uit: het beoordelen van de aanvraag tot het verlenen van een erkenning, dan wel het beoordelen van een reeds verleende erkenning en de daarbij overgelegde gegevens, mede aan de hand van de bij het bestuursorgaan bekende feiten en omstandigheden; en het verzamelen, bewerken en analyseren van informatie die, al dan niet door middel van gegevens zoals vermeld in het Bibob-vragenformulier en bijbehorende bijlagen, is verstrekt door de betrokkene, alsmede van gegevens die zijn verkregen uit andere bronnen die het bestuursorgaan volgens de wet kan raadplegen. 4. De RDW kan naar aanleiding van de door de betrokkene verstrekte informatie nadere vragen stellen of stukken opvragen indien de RDW van oordeel is dat de reeds verstrekte informatie onvoldoende is om het Bibob-onderzoek volledig uit te kunnen voeren. 5. Indien het eigen onderzoek onvoldoende uitsluitsel geeft over de mate van gevaar zoals bedoeld in artikel 3 van de wet, kan ingevolge artikel 9 van de wet advies worden ingewonnen bij het Bureau. 6. Indien het advies van het Bureau aanleiding geeft tot aanvullende vragen, hervat de RDW het eigen onderzoek.

Rechtspraak bij dit artikel