**1.** De artikelen 2.26 tot en met 2.28 zijn van overeenkomstige toepassing op de situatie dat een natuurlijk persoon of rechtspersoon voornemens is na de termijn, bedoeld in artikel 2.26, tweede lid, een gebouw op te richten dat zich bevindt in het gebied binnen een warmtekavel waarvoor in een omgevingsplan regels zijn gesteld die in een gebied het gebruik van gas uitsluiten als warmtevoorziening van gebouwen, en voor zover van toepassing, voor de energievoorziening van milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 62a Gaswet, en waarvoor verwarming door een collectief warmtesysteem is aangewezen.
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing indien zich de situatie, genoemd in artikel 2.13, eerste lid, onderdeel i of j, onder 1° of 2°, voordoet.
Hoofdstuk 2 › § 2.5 › § 2.5.6
Artikel 2.29
oprichten nieuw gebouw in geval van situatie artikel 2.26
Onderdeel van Wet collectieve warmte· Ondernemingspraktijk