Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › § 2.5 › § 2.5.6

Artikel 2.30

kosten van afsluiten kleinverbruikers en grootverbruikers

Onderdeel van Wet collectieve warmte· Ondernemingspraktijk

1. Indien de gebouweigenaar van een gebouw met een individuele leveringsaansluiting van maximaal 100 kilowatt nadat het gebouw is aangesloten op de collectieve warmtevoorziening een aangewezen warmtebedrijf verzoekt om afgesloten te worden van de collectieve warmtevoorziening, kan een aangewezen warmtebedrijf voor de afsluiting een tarief in rekening brengen dat niet meer bedraagt dan het door de Autoriteit Consument en Markt vastgestelde maximale tarief voor het afsluiten van een collectieve warmtevoorziening. De tarieven voor volledige en voor tijdelijke afsluiting zijn gelijk. Indien mogelijk beperkt afsluiting zich tot het verwijderen van de afleverset voor warmte en het afsluiten van de leidingen. 2. Indien een gebouweigenaar van een gebouw met een individuele leveringsaansluiting van meer dan 100 kilowatt nadat het gebouw is aangesloten op de collectieve warmtevoorziening een aangewezen warmtebedrijf verzoekt om afgesloten te worden van de collectieve warmtevoorziening, kan een aangewezen warmtebedrijf voor de afsluiting een tarief in rekening brengen dat niet meer bedraagt dan het door de Autoriteit Consument en Markt op grond van de artikelen 7.21, eerste lid, of 7.28, eerste lid, vastgestelde maximale tarief voor het afsluiten van een collectieve warmtevoorziening voor grootverbruikers. 3. Het aangewezen warmtebedrijf kan in aanvulling op het maximale tarief, bedoeld in het tweede lid, een op verzoek van het warmtebedrijf door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen opslag in rekening brengen indien door de afsluiting het aangewezen warmtebedrijf structureel geen redelijk rendement kan behalen of de afsluiting leidt tot een significante verhoging van de tarieven voor de resterende verbruikers van de collectieve warmtevoorziening. 4. Indien een gebouw van een gebouweigenaar met een individuele leveringsaansluiting van meer dan 100 kilowatt gesloopt wordt, kan een aangewezen warmtebedrijf voor de afsluiting van een collectieve warmtevoorziening een door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen tarief dat is gebaseerd op de werkelijke kosten van de afsluiting in rekening brengen. 5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden vastgesteld over: de wijze waarop de Autoriteit Consument en Markt het tarief berekent en vaststelt op grond van het tweede lid, en de opslag berekent en vaststelt op grond van het derde lid; de wijze waarop wordt bepaald dat het aangewezen warmtebedrijf structureel geen redelijk rendement als bedoeld in het derde lid kan behalen.

Rechtspraak bij dit artikel