Het CAK is verantwoordelijk voor het verstrekken van een wettelijke bijdrage aan zorgverleners die inkomsten derven als gevolg van de medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerbare vreemdelingen. Deze groep omvat:
vreemdelingen die een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier hebben ingediend;
vreemdelingen die bezwaar of beroep hebben ingesteld tegen een afwijzende beslissing op een aanvraag voor een reguliere verblijfsvergunning;
vreemdelingen die niet rechtmatig in Nederland verblijven.
Wettelijk uitgangspunt is dat de onverzekerbare vreemdeling zelf verantwoordelijk is voor de betaling van de geleverde zorg. Slechts in die gevallen waarin, ondanks inspanningen van de zorgaanbieder, geen kosten verhaald kunnen worden op de patiënt, biedt de wet een mogelijkheid om een beroep te doen op een bijdrage uit de OVV-regeling. Het CAK vergoedt alleen de zorg die valt onder de Zvw of onder de Wlz-aanspraken. Het CAK dient voor deze zorgkosten jaarlijks een begroting in bij het Ministerie van VWS en verantwoordt zich daarover. De zorglasten voor onverzekerbare vreemdelingen komen ten laste van de begroting van het Ministerie van VWS. De balansposities verantwoordt het CAK in een rekening-courantpositie met het Ministerie van VWS. Voor het bepalen van de hoogte van de vergoeding van de ziektekosten maakt het CAK gebruik van een vergoedingspercentage van de aangeleverde NZa-tarieven. Voor de juistheid van de NZa-tarieven geldt voor het CAK een gebruikersverantwoordelijkheid. Ook voor de juistheid van de ingediende zorgkosten door zorgaanbieders geldt voor het CAK een gebruikersverantwoordelijkheid.
Het CAK is op grond van de Wlz (artikel 6.1.2 onder i), de Zvw (artikel 122a), de Vreemdelingenwet 2000 (artikel 10), het Besluit Zorgverzekeringen (artikel 3b.1) en de Regeling Zorgverzekering (artikel 7a.1) belast met de uitvoering van de OVV-regeling.
Het CAK baseert de verantwoording op de per ultimo boekjaar bekende stand van de zorginstellingen over de ontvangen en betaalde declaraties. De ontvangen bedragen van het Ministerie van VWS op basis van de goedgekeurde begroting en eventuele tussentijdse bijstellingen zijn niet gelijk aan de lasten. De lasten zijn gelijk aan de uitgaven die door het CAK gedaan zijn aan de zorgaanbieders. Eventuele verschillen tussen de overgemaakte voorschotten door het Ministerie van VWS en de afrekeningen met de zorgaanbieders worden later verrekend met het Ministerie van VWS, nadat door de Minister van VWS goedkeuring is verleend over de uitvoering van deze regeling. Deze mutaties worden verantwoord in het financieel overzicht van de activa en passiva (inclusief verloopoverzicht) van deze financiële stroom. Op verzoek van het Ministerie van VWS worden de bedragen in de toelichting op basis van het kasstelsel en in euro’s met twee decimalen weergegeven. Dit omdat de begroting van het Ministerie van VWS volgens het kasstelsel wordt opgesteld en bij de afrekening het juiste bedrag overgemaakt kan worden naar het CAK.
Gemoedsbezwaarden zijn personen die zich op grond van hun geloofs- of levensovertuiging niet verzekeren. Een gemoedsbezwaarde kan bij de SVB ontheffing van de premieplicht voor de Zvw aanvragen. Na het verlenen van een ontheffing meldt de SVB de gemoedsbezwaarde aan bij het CAK. Voor de aangeleverde gegevens van de SVB en van de Belastingdienst geldt voor het CAK een gebruikersverantwoordelijkheid.
Gemoedsbezwaarden hebben wel de verplichting om een bijdragevervangende belasting (BVB) te betalen. De hoogte van de BVB voor de Zvw is gelijk aan de inkomensafhankelijke bijdrage die de gemoedsbezwaarde zou moeten betalen indien hij wel verzekeringsplichtig zou zijn. De BVB die de gemoedsbezwaarde voor de Zvw betaalt wordt apart gezet op een spaarrekening bij het CAK. Gemoedsbezwaarden hebben het recht op vergoeding van ziektekosten uit de door hen als gezin gespaarde bedragen. Dit voor zover de ziektekosten niet uitstijgen boven het saldo van de spaarrekening die het CAK aanhoudt. Op de spaarrekening bij het CAK wordt een collectief saldo per gezin aangehouden waaruit betaald kan worden. Voor het bepalen van de tarieven bij de declaraties van de ziektekosten maakt het CAK gebruik van de aangeleverde NZa-tarieven. Voor de juistheid van deze aangeleverde NZa-tarieven geldt voor het CAK een gebruikersverantwoordelijkheid.
Het CAK is op grond van de Wlz (artikel 6.1.2 onder h), de Zvw (artikel 39, tweede lid onder d, artikel 57 en artikel 70), de Wet Financiering Sociale Verzekeringen (artikelen 64 t/m 67) en de Regeling Zorgverzekering (artikelen 6.4.1, 6.4.2 en 6.4a1) belast met de uitvoering van de Gemoedsbezwaardenregeling.
Het CAK baseert de verantwoording op de ultimo boekjaar bekende financiële stroom op basis van de vastgestelde BVB door de Belastingdienst, met inachtneming van de schattingen van deze belastingen door het CAK, indien dit nog niet door de Belastingdienst is vastgesteld. De verleende uitkeringen zijn gelijk aan de lasten. Het saldo van een vervallen polis komt ten gunste van het Zorgverzekeringsfonds (Zvf). Deze mutaties worden verantwoord in het financiële overzicht van de activa en passiva (inclusief verloopoverzicht) van deze financiële stroom.
Verzekeringsplichtige personen die nalaten een zorgverzekering af te sluiten zijn onverzekerd. Zij worden door de SVB opgespoord door middel van bestandsvergelijking. De gegevensbestanden worden door de SVB beheerd. De SVB meldt de resultaten van de bestandsvergelijking maandelijks aan het CAK. Het CAK heeft ten aanzien van de aangeleverde gegevens een gebruikersverantwoordelijkheid.
Een onverzekerde persoon die is opgespoord krijgt een brief van het CAK. In deze brief wordt hij gewezen op het feit dat hij is gesignaleerd als iemand die (vermeend) verzekeringsplichtig is voor de Zvw, maar die geen zorgverzekering heeft afgesloten. De onverzekerde persoon krijgt vervolgens drie maanden de gelegenheid om alsnog een zorgverzekering af te sluiten of aan te geven welke omstandigheden maken dat hij niet verzekeringsplichtig is.
Wanneer drie maanden na de aanschrijving blijkt dat betrokkene zich nog altijd niet verzekerd heeft, legt het CAK een boete op. De hoogte van de boete is gelijk aan driemaal de tot een maandbedrag herleide standaardpremie, zoals bedoeld in de Wet op de zorgtoeslag (Wtz). De boete kan tweemaal worden opgelegd. De tweede boete wordt opgelegd wanneer blijkt dat iemand drie maanden na het opleggen van de eerste boete nog altijd niet verzekerd is. Indien bij een volgende bestandsvergelijking blijkt dat de onverzekerde na twee boetes nog altijd onverzekerd is, dan verzekert het CAK de betrokkene ambtshalve bij een zorgverzekeraar. Om te voorkomen dat deze verzekerde onmiddellijk na ambtshalve verzekering zijn premie niet betaalt, is hij gedurende een periode van twaalf maanden een bestuursrechtelijke premie verschuldigd, en mag hij in deze periode niet wisselen van zorgverzekeraar.
Het CAK kan de bestuursrechtelijke premie in de vorm van broninhouding inhouden op het loon of de uitkering van betrokkene. Blijkt broninhouding van de bestuursrechtelijke premie niet mogelijk dan draagt het CAK de inning over aan het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). Het CJIB is gemandateerd om namens het CAK de vordering te innen. De inningsactiviteiten vallen onder de directe verantwoordelijkheid van het CAK en het CAK verantwoordt zich hierover in de bestuurlijke verantwoording burgerregelingen. Het CAK verstrekt aan het CJIB een controleprotocol met betrekking tot de verantwoording van het CJIB inzake de inning van de bestuursrechtelijke premie voor de onverzekerdenregeling en de BAZ-regeling. De eindverantwoording van het CJIB dient vergezeld te zijn van een controleverklaring van de externe accountant van het CJIB.
Zorgverzekeraars ontvangen voor personen die ambtshalve zijn verzekerd een compensatiebijdrage van het CAK. Deze bijdrage wordt betaald per kalenderjaar en is afkomstig uit het Zvf.
Het CAK is op grond van de , Wlz (artikel 6.1.2d) de Zvw (artikel 9a t/m d, artikel 18e en artikel 34a), de Wtz (artikel 5, tweede lid), de Regeling vaststelling standaardpremie en bestuursrechtelijke premies 2025, de Regeling Zorgverzekering (artikel 6.4.a.1 en artikelen 6.5.1 t/m 6.5.4), de Beleidsregels CAK inning bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet 2023 en de Beleidsregel CAK betaling bestuurlijke boete onverzekerden Zorgverzekeringswet 2022 belast met de uitvoering van de Onverzekerdenregeling.
De BAZ-regeling houdt in dat zorgverzekeraars in het geval van verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie de verzekering niet mogen schorsen. De regeling voorkomt dat een verzekeringnemer door de verzekeraar wordt geroyeerd vanwege een premieachterstand en zorgt zo voor het in stand houden van de dekking van de verzekering voor de verzekeringsnemer. Omdat dit een niet beïnvloedbaar risico vormt voor de zorgverzekeraars kunnen zij onder bepaalde voorwaarden verzekerden bij het CAK aanmelden als verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie.
Het CAK ontvangt van alle zorgverzekeraars maandelijks bestanden met aan- en afmeldingen van verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie met een betalingsachterstand van minimaal zes maanden. De zorgverzekeraars zijn verantwoordelijk voor de juistheid, volledigheid en tijdigheid (waaronder actualiteit) van de aangeleverde gegevens van de personen die als verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie worden aangemeld. Het CAK heeft ten aanzien van deze gegevens een gebruikersverantwoordelijkheid. De zorgverzekeraar verstrekt een bestuursverklaring bij de aanmelding als bewijs dat aan de voorwaarden is voldaan. De NZa ziet erop toe dat zorgverzekeraars deze bestuursverklaring terecht afgeven.
Het CAK start de bestuursrechtelijke premie-inning in de maand volgend op de maand van de aanmelding en legt de door zorgverzekeraars aangemelde verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie een bestuursrechtelijke premie op van een door de Minister van het Ministerie van VWS bepaald percentage van de nominale rekenpremie. Het CAK int de bestuursrechtelijke premie in beginsel via broninhouding. Indien broninhouding niet mogelijk is, draagt het CAK de vordering over aan het CJIB. Het CJIB is gemandateerd om namens het CAK de vordering te innen. De inningsactiviteiten vallen onder de directe verantwoordelijkheid van het CAK en het CAK verantwoordt zich hierover in de bestuurlijke verantwoording burgerregelingen. Het CAK verstrekt aan het CJIB een controleprotocol met betrekking tot de verantwoording van het CJIB inzake de inning van de bestuursrechtelijke premie voor de Onverzekerden- en BAZ-regeling. De eindverantwoording van het CJIB dient vergezeld te zijn van een controleverklaring van de externe accountant van het CJIB.
Het is wettelijk geregeld5Op basis van artikel 18f lid 6 van de Zvw en artikel 5 lid 3 van de Beleidsregels CAK inning bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet 2018. dat de Belastingdienst de zorgtoeslag van aan het CJIB overgedragen verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie direct aan het CJIB betaalt ten behoeve van de premieverplichting van de verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie. De aangemelde verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie stromen uit de BAZ-regeling indien de zorgverzekeraar de betreffende verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie afmeldt. Het af te dragen percentage van de door het CAK ontvangen bedragen is door het Ministerie van VWS vastgesteld.
Het CAK is op grond van de Wlz (artikel 6.1.2 onder e), de Zvw (artikel 18a t/m g, 34a, en 39, tweede en derde lid), de Wtz (artikel 5, tweede lid), de Regeling zorgverzekering (artikel 6.5.1 t/m 6.5.7 en 7b.1), de Regeling vaststelling standaardpremie en bestuursrechtelijke premies 2025, de Beleidsregels CAK inning bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet 2023 en de Beleidsregels CAK Verstrekking compensatiebijdrage aan zorgverzekeraars voor het verzekerd houden van verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie 2025 belast met de uitvoering van de BAZ.
Zorgverzekeraars ontvangen voor het verzekerd houden van verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie een compensatiebijdrage van het CAK die gelijk is aan de standaardpremie zoals bedoeld in de Wtz. Deze bijdrage wordt verstrekt indien de zorgverzekeraar de dekking van de verzekering in stand laat, de wettelijk voorgeschreven incasso-inspanningen verricht en voldoende medewerking verleent aan activiteiten die zijn gericht op aflossing van de schuld. De bijdrage wordt betaald per kalenderjaar, is afkomstig uit het Zvf en voorkomt dat zorgverzekeraars verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie royeren. Het risico voor de eerste zes maanden premieachterstand wordt gedragen door de zorgverzekeraar zelf. Er vindt een gegevensaanlevering vanuit de zorgverzekeraars plaats zodat kan worden vastgesteld dat wat volgens de zorgverzekeraars moet worden gecompenseerd overeenkomt met de administratie (facturatiegegevens) van het CAK. Gedurende de looptijd van een polis van een verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie is het mogelijk dat het CAK het betalen van de compensatiebijdrage aan de zorgverzekeraar moet opschorten omdat de verzekeringsnemer met betalingsachterstanden zorgpremie een stabilisatieovereenkomst of een betalingsregeling met de zorgverzekeraar overeengekomen is. De zorgverzekeraar meldt de begin- en einddatum hiervan aan het CAK.
Het CAK is grond van de Wlz (artikel 6.1.2 onder f), de Zvw (artikel 18a t/m g, 34a en 39 tweede en derde lid), de Wtz (artikel 5, tweede lid), de Regeling zorgverzekering (artikel 6.5.1 t/m 6.5.7 en 7b.1), de Regeling vaststelling standaardpremie en bestuursrechtelijke premies 2025, de Beleidsregels CAK inning bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet 2023 en de Beleidsregels CAK Verstrekking compensatiebijdrage aan zorgverzekeraars voor het verzekerd houden van verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie 2025 belast met het verstrekken van een compensatiebijdrage aan zorgverzekeraars voor het verzekerd houden van verzekeringsnemers met betalingsachterstanden zorgpremie.
Missionarissen betalen premie aan zorgverzekeraar CZ en dienen bij CZ hun declaraties in. CZ verrekend het verschil tussen de ontvangen premie en de gedeclareerde zorgkosten met het CAK. Dit saldo wordt verrekend met het Zvf. Het CAK ontvangt jaarlijks een eindverantwoording van CZ met controleverklaring van de interne accountantsdienst van CZ met betrekking tot de uitvoering van de overgangsregeling Missionarissen.
Het CAK is op grond van de Invoerings- en aanpassingswet Zorgverzekeringswet (artikelen 2.2.5 en 2.2.6) belast met de uitvoering van de overgangsregeling Missionarissen. De uit de overgangsregeling Missionarissen voortvloeiende baten en lasten, activa en passiva van de financiële stromen zijn rechtmatig indien deze in overeenstemming zijn met de in het bovengenoemde normenkader gestelde eisen op het gebied van juistheid, volledigheid en tijdigheid.
De totale last van de financiële stroom wordt opgeknipt in de werkelijke zorgkosten en een schattingspost betreffende de ‘nog te betalen zorglasten’. Het schattingselement is buiten scope gesteld en vormt geen onderdeel van controle. Een materialiteit van 10% is van toepassing voor het meest betekenisvolle gedeelte van deze financiële stroom, namelijk de werkelijke zorgkosten. De rechtmatigheid van de werkelijke zorgkosten wordt vastgesteld aan de hand van ingediende declaraties en deze controle wordt uitgevoerd door de interne accountantsdienst van CZ.
De overweging inzake de verantwoording en controle van deze regeling is wenselijk bevonden in de keten vanwege doelmatigheidsredenen aangezien sprake is van een aflopende regeling die relatief klein is van omvang. De kosten en baten van de assurance die anders moet worden verkregen (met inbegrip van de externe accountant) wegen niet meer tegen elkaar op. De overgangsregeling kent al tijden een zogenoemd ‘granieten’ klantbestand. Dit wil zeggen dat er geen klanten meer bijkomen, maar dat er alleen klanten afgaan. Daarbij speelt dat de regeling met een terugkerende onzekerheid kampt met betrekking tot de schattingspost betreffende de ‘nog te betalen zorglasten’. Deze schattingspost loopt er in het jaar daaropvolgend weer uit met werkelijk ingediende declaraties, waar dan wel assurance over de rechtmatigheid wordt verkregen.
Bij de invoering van de Zvw is besloten dat personen die in het buitenland wonen en op dat moment al recht hadden op AWBZ-zorg, dit recht behouden. Er komen geen rechthebbenden meer bij. De uitvoering van deze overgangsregeling is namens het CAK belegd bij zorgverzekeraar Zilveren Kruis.
Het CAK heeft Zilveren Kruis een controleprotocol verstrekt voor de minimaal te verrichten werkzaamheden van de externe accountant en de op te leveren accountantsproducten bij de verantwoording over deze uitbestede taak. Jaarlijks ontvangt het CAK een verantwoording met betrekking tot de overgangsregeling AWBZ-zorg buitenland, voorzien van een controleverklaring.
Het CAK is op grond van de Invoerings- en aanpassingswet Zorgverzekeringswet (artikelen 3.1.2 t/m 3.1.6) belast met de uitvoering van de overgangsregeling AWBZ-zorg buitenland.
Het CAK heeft een overeenkomst met zorgverzekeraar Zilveren Kruis voor de uitvoering van de overgangsregeling AWBZ-zorg buitenland namens het CAK. Hierin is tevens een vergoeding voor de uitvoeringskosten opgenomen die separaat in de bestuurlijke verantwoording burgerregelingen wordt verantwoord.
Het CAK is op grond van de Invoerings- en aanpassingswet Zorgverzekeringswet (artikel 3.1.2 t/m 3.1.6) belast met de uitvoering van de overgangsregeling AWBZ-zorg buitenland en heeft dit uitbesteed aan Zilveren Kruis. De jaarlijkse beheerskosten vloeien voort uit de overeenkomst overgangsregeling AWBZ-zorg buitenland, die het CAK heeft afgesloten met Zilveren Kruis.
Internationale regelingen zorgen er onder andere voor dat mensen die zich binnen de EU/EER en Zwitserland of tussen Nederland en de verdragslanden verplaatsen hun ziektekostendekking niet verliezen. Personen die in een ander EU-land of verdragsland wonen hebben onder bepaalde omstandigheden aanspraak op medische zorg in het woonland ten laste van Nederland. Nederland vergoedt de door het orgaan in het woonland vergoede zorg uit het verzekerde pakket van het woonland.
Voor deze zorg betaalt de verdragsgerechtigde een bijdrage die wordt opgelegd en geïnd door het CAK. Deze bijdrage bestaat uit inkomensafhankelijke bijdragen voor de Wlz en de Zvw en een nominale component. De hoogte van de verdragsbijdrage wordt gecorrigeerd met een woonlandfactor. Voor elk verdragsland geldt een aparte woonlandfactor. De woonlandfactor zorgt ervoor dat de hoogte van de verdragsbijdrage in overeenstemming is met de omvang en de kosten van het zorgpakket in het woonland van de verdragsgerechtigde.
Voor het incassoproces volgt het CAK het intern opgestelde debiteurenbeleid cluster Buitenland. Het debiteurenbeleid geeft onder meer aan hoe het CAK de opgelegde bijdragen moet incasseren en wanneer afboeking wegens oninbaarheid plaatsvindt.
Het CAK is bevoegd orgaan in de zin van artikel 1 onderdeel q onder iii van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels en bilaterale sociale zekerheidsverdragen (Verordening (EG) nr. 883/2004).
in Titel III, Hoofdstuk 1 van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels (Verordening (EG) nr. 883/2004) zijn de relevante prestaties opgenomen.
het CAK is op grond van artikel 6.1.2, onder g, van de Wlz juncto artikel 69, tweede lid, van de Zvw belast met de inning van de verdragsbijdrage. Op grond van artikel 39, tweede lid, van de Zvw komen deze bijdragen ten gunste van het Zvf.
Daarnaast is de volgende wet- en regelgeving van toepassing:
artikel 69 Zvw;
Regeling zorgverzekering (artikel 6.3.1 t/m 6.3.4);
Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999;
Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 augustus 2015, houdende de aanwijzing van enige organen ingevolge Verordening (EG) nr. 883/2004;
Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 27 oktober 2022, kenmerk 3439287-1035439-Z, houdende wijziging van de Regeling in verband met het vaststellen van de woonlandfactoren voor het jaar 2025 ten behoeve van de gedifferentieerde berekening van de bijdrage voor verdragsgerechtigden;
Beleidsregels CAK vergoeden van declaraties naar Nederlands tarief;
Handels- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds.
De toepasselijke bilaterale sociale zekerheidsverdragen betreffen:
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Turkije inzake sociale zekerheid6Het verdrag met Turkije regelt het recht op zorg van gepensioneerden in Turkije. Voorwaarde is dat gepensioneerden volgens het Nederlandse recht een aanspraak op verstrekkingen hebben. In de huidige situatie wordt aan deze voorwaarde niet voldaan, Omdat gepensioneerden niet in Nederland wonen of werken. Sinds 2006 ontbreekt daarmee de formele basis voor het recht op vergoeding van zorg en medische kosten. Een concreet voorstel tot wijziging van het Turks-Nederlandse verdrag ligt al sinds het jaar 2000 op tafel. Dit voorstel maakt vergoeding van zorg en medische kosten voor gepensioneerden in Turkije mogelijk. De betreffende wijziging is onderdeel van een breder pakket van sociale zekerheden dat dient te worden aangepast. Het CAK kan dit knelpunt niet zelfstandig oplossen en is hierbij afhankelijk van de ministeries van VWS en SZW. Het CAK handelt in deze situatie, in opdracht van het Ministerie van VWS en vooruitlopend op de inwerkingtreding van deze verdragswijziging, al wel in de geest van deze wijziging. Het Ministerie van VWS heeft aangegeven zich binnen haar mogelijkheden in te spannen om de verdragswijziging in werking te laten treden.;
Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko7In het verdrag met Marokko is opgenomen dat het recht op vergoeding van zorg en medische kosten alleen geldt voor personen die verzekerd (of meeverzekerd) zijn op grond van de (niet meer bestaande) Ziekenfondswet. Hierdoor ontbreekt eveneens sinds 2006 de formele basis voor vergoeding van zorg en medische kosten. Het Ministerie van VWS is sinds 2007 bezig om de bepaling in het verdrag aan te passen. Ook hier is waarschijnlijk geen spoedig resultaat te verwachten. Het CAK kan dit knelpunt niet zelf oplossen.;
Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavië (geldt voor Bosnië-Herzegovina, Montenegro en Servië);
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Tunesië inzake sociale zekerheid;
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Kaapverdië inzake sociale zekerheid;
Verdrag tussen de regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de regering van Macedonië inzake sociale zekerheid.
Het CAK vervult voor Nederland de taak van internationaal verbindingsorgaan op het gebied van de interstatelijke kostenafrekening. Die taak houdt in dat het CAK voor de Europese sociale zekerheidsverordeningen en bilaterale sociale zekerheidsverdragen zorgdraagt voor de wederzijdse verrekening van de zorglasten die het gevolg zijn van de toepassing van de internationale regelingen.
Het CAK belast de door buitenlandse verbindingsorganen ingediende schuldvorderingen van Nederlandse verzekerden, bijvoorbeeld voor spoedeisende zorg tijdens een vakantie, door aan de Nederlandse zorgverzekeraars van betrokkenen. Het CAK registreert deze geldstroom via de balans vanwege het kostenneutrale karakter.
De zorglasten van verdragsgerechtigden komen ten laste van het Zvf. Deze groep bestaat uit personen die in het buitenland wonen, maar ten laste van Nederland in het woonland aanspraak hebben op medische zorg. Het betreft gepensioneerden/uitkeringsgerechtigden (en hun eventuele gezinsleden) en de (achtergebleven) gezinsleden van in Nederland Zvw-verzekeringsplichtigen.
De verrekeningen van de zorglasten met verdragslanden vinden zowel op basis van vaste bedragen als tegen werkelijk gemaakte kosten plaats. Dit is afhankelijk van wat de betreffende internationale regeling daarover bepaalt.
Het kan voorkomen dat goedgekeurde buitenlandse declaraties met betrekking tot verdragsgerechtigden achteraf bezien (deels) moeten worden gecorrigeerd door een wijziging in de verzekeringspositie met terugwerkende kracht. Dit, als gevolg van de correcties met terugwerkende kracht door het buitenlandse verbindingsorgaan. Dit geeft een onzekerheid in de verantwoording waarbij gebruikersverantwoordelijkheid speelt ten aanzien van de juistheid, volledigheid en tijdigheid van de ingediende declaraties. Eventuele retrospectieve wijzigingen dienen naar aard en omvang te worden toegelicht.
Het CAK is op grond van alle onderstaand vermelde artikelen aangewezen als verbindingsorgaan voor Nederland. Dit betreft:
Titel III, Hoofdstuk 1, van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels, in de zin van artikel 1, tweede lid, onderdeel b, van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels;
artikel 3 van het Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 augustus 2015, houdende de aanwijzing van enige organen ingevolge Verordening (EG) nr. 883/2004.
Zie paragraaf 4.1.9 Administratie en inning bijdrage verdragsgerechtigden (verzekeringskantoor) voor de toepasselijke bilaterale sociale zekerheidsverdragen.
Op grond van internationale regelingen hebben buitenlandse verzekerden die in Nederland wonen of werken recht op wettelijke medische zorg. Het Orgaan van de woonplaats (zorgverzekeraar CZ is door het Ministerie van VWS aangewezen als Orgaan van de woonplaats) betaalt aan Nederlandse zorgaanbieders de kosten van zorg van de ten laste van verdragslanden verzekerde personen. Deze kosten brengt het Orgaan van de woonplaats in rekening bij het CAK als internationaal verbindingsorgaan voor Nederland. Het CAK brengt deze lasten op haar beurt in rekening bij de verdragslanden op basis van werkelijk gemaakte kosten of vaste bedragen, afhankelijk wat van toepassing is.
In het geval van werkelijk gemaakte kosten brengt het CAK evenveel in rekening bij de verdragslanden als dat zij aan het Orgaan van de woonplaats betaalt. Er zijn voor het CAK dus geen baten of lasten en de administratie loopt via de balans van het CAK.
In geval er wordt afgerekend op basis van vaste bedragen rekent het CAK af met de verdragslanden op basis van een vast bedrag per verdragsgerechtigde in Nederland. De lasten (te betalen aan het Orgaan van de woonplaats) zijn dan niet gelijk aan de opbrengsten (te ontvangen van de verdragslanden) waardoor een last- of bateverschil resteert dat respectievelijk ten laste of ten gunste van het Zvf komt.
Het CAK en CZ verhouden zich tot elkaar als ketenpartners en hebben in een overeenkomst afspraken met elkaar gemaakt over de publieke taakuitoefening van CZ. Ook betaalt het CAK uit het Zvf de beheerskosten van CZ. Het CAK heeft ten aanzien van informatie die afkomstig is van CZ een gebruikersverantwoordelijkheid. Eventuele onzekerheden in de verkregen informatie van CZ dienen naar aard en omvang te worden beschreven en toegelicht in de bestuurlijke verantwoording door het CAK. Tevens treft het CAK waarborgen dat de contractuele bepalingen met CZ worden nageleefd.
Op grond van artikel 31e Wmg stuurt de NZa voor 1 november een rapport over de rechtmatigheid van de uitvoering in het voorgaande kalenderjaar door de organen van de woonplaats en van de verblijfplaats aan het CAK. Het CAK heeft echter enkel gebruikersverantwoordelijkheid ten aanzien van deze informatie. Zorginstituut Nederland is de feitelijke gebruiker van deze informatie, als opsteller van het fondsverslag Zvf. Hierdoor bestaat momenteel een leemte in de verantwoordingsketen. Daarom deelt de NZa dit rapport ook met het ZIN en VWS, zodat zij deze informatie kunnen verwerken.
CZ is voor de toepassing van Titel I, artikel 1 onderdeel r en Titel III, Hoofdstuk 1 van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels en artikel 123 van de Zvw aangewezen als Orgaan van de woonplaats;
In Titel III, Hoofdstuk 1 van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels zijn de relevante prestaties opgenomen.
De grondslag voor de beheerskostenvergoeding is artikel 39, derde lid, onder e, van de Zvw en artikel 2 van het Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 augustus 2015, houdende de aanwijzing van enige organen ingevolge Verordening (EG) nr. 883/2004.
Zie paragraaf 4.2.9 Administratie en inning bijdrage verdragsgerechtigden (verzekeringskantoor) voor de toepasselijke bilaterale verdragen.
Zorgverzekeraar CZ ontvangt voor de uitvoering van zijn taak als Orgaan van de woonplaats een vergoeding vanuit het Zvf. Het CAK is belast met de uitvoering van de buitenlandtaak en betaalt deze vergoeding aan CZ als Orgaan van de woonplaats en belast deze door aan ZIN als fondsbeheerder van het Zvf. De vergoeding vindt plaats op basis van prijs maal hoeveelheid van de zorgkosten van verdragsverzekerden die in Nederland wonen en elders verzekerd zijn. De prijs wordt jaarlijks door het CAK geïndexeerd en de aantallen worden door CZ aangeleverd. De afspraken die het CAK met CZ heeft gemaakt over de publieke taakuitoefening zijn vastgelegd in een overeenkomst. Volgens de overeenkomst wordt de verantwoording over de uitvoering van deze taak van het Orgaan van de woonplaats voorzien van een controleverklaring van hun accountant inzake de juistheid en volledigheid van de verantwoording en rechtmatigheid van de financiële stromen. Conform onderlinge afspraak wordt dit uiterlijk op 31 mei van het jaar volgend op het verantwoordingsjaar opgeleverd aan het CAK.
Het CAK heeft ten aanzien van de juistheid van de door CZ aangeleverde aantallen een gebruikersverantwoordelijkheid. Eventuele onzekerheden in de verkregen informatie van CZ dienen naar aard en omvang te worden beschreven en toegelicht in de bestuurlijke verantwoording door het CAK. Tevens treft het CAK waarborgen dat de contractuele bepalingen met CZ worden nageleefd.
Zie paragraaf 4.2.11 Verrekeningen verdragslanden via Orgaan van de woonplaats.
Op grond van internationale regelingen hebben buitenlandse verzekerden en Nederlandse verdragsgerechtigden die tijdelijk in Nederland verblijven recht op wettelijke medische zorg. De uitvoering hiervan is in handen van het Orgaan van de verblijfplaats. Het Ministerie van VWS heeft zorgverzekeraar Zilveren Kruis aangewezen als Orgaan van de verblijfplaats voor Nederland. Daarnaast is Zilveren Kruis aangewezen als Bevoegd orgaan voor de zorg van Nederlandse verdragsgerechtigden die tijdelijk in Nederland verblijven (zie hiervoor verder paragraaf 4.2.14).
Het Orgaan van de verblijfplaats betaalt aan zorginstellingen de kosten van zorg van de ten laste van verdragslanden verzekerde personen. Deze kosten brengt zij in rekening bij het CAK als internationaal verbindingsorgaan voor Nederland. Het CAK brengt deze lasten op haar beurt in rekening bij de verdragslanden.
Zorgaanbieders die zorg hebben verleend aan tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse verzekerden en Nederlandse verdragsgerechtigden, declareren de kosten bij Zilveren Kruis. De kosten voor buitenlands verzekerden worden via het CAK als verbindingsorgaan in rekening gebracht bij de buitenlandse verbindingsorganen. De afspraken die het CAK met Zilveren Kruis heeft gemaakt over de publieke taakuitoefening zijn vastgelegd in een overeenkomst. Het CAK heeft ten aanzien van informatie die afkomstig is van Zilveren Kruis een gebruikersverantwoordelijkheid. Eventuele onzekerheden in de verkregen informatie van Zilveren Kruis dienen naar aard en omvang te worden beschreven en toegelicht in de bestuurlijke verantwoording door het CAK. Tevens treft het CAK waarborgen dat de contractuele bepalingen met Zilveren Kruis worden nageleefd.
Op grond van artikel 31e Wmg stuurt de NZa voor 1 november een rapport over de rechtmatigheid van de uitvoering in het voorgaande kalenderjaar door de organen van de woonplaats en van de verblijfplaats aan het CAK. Het CAK heeft echter enkel gebruikersverantwoordelijkheid ten aanzien van deze informatie. Zorginstituut Nederland is de feitelijke gebruiker van deze informatie, als opsteller van het fondsverslag Zvf. Hierdoor bestaat momenteel een leemte in de verantwoordingsketen. Daarom deelt de NZa dit rapport ook met het ZIN en VWS, zodat zij deze informatie kunnen verwerken.
Zilveren Kruis is voor de toepassing van artikel 1 onderdeel r en Titel III, Hoofdstuk 1 van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels en artikel 123 van de Zvw aangewezen als Orgaan van de verblijfplaats.
In Titel III, Hoofdstuk 1 van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels zijn de relevante prestaties opgenomen.
De grondslag voor de beheerskostenvergoeding is artikel 39, derde lid, onder e, van de Zvw. artikel 2 van het Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 augustus 2015, houdende de aanwijzing van enige organen ingevolge Verordening (EG) nr. 883/2004.
Zie paragraaf 4.2.9 Administratie en inning bijdrage verdragsgerechtigden (verzekeringskantoor) voor de toepasselijke bilaterale verdragen.
Het Ministerie van VWS heeft Zilveren Kruis aangewezen als Bevoegd orgaan voor het verlenen en vergoeden van verstrekkingen tijdens een tijdelijk verblijf in Nederland voor de zorg van Nederlandse verdragsgerechtigden. Verstrekkingen komen ten laste van het Zvf. De afspraken die het CAK met Zilveren Kruis heeft gemaakt over de publieke taakuitoefening zijn vastgelegd in een overeenkomst.
Het CAK heeft ten aanzien van informatie die afkomstig is van Zilveren Kruis een gebruikersverantwoordelijkheid. Eventuele onzekerheden in de verkregen informatie van Zilveren Kruis dienen naar aard en omvang te worden beschreven en toegelicht in de bestuurlijke verantwoording door het CAK. Tevens treft het CAK waarborgen dat de contractuele bepalingen met Zilveren Kruis worden nageleefd.
Zilveren Kruis is voor de toepassing van artikel 1 onderdeel q onder iii en Titel III, Hoofdstuk 1 van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels aangewezen als Bevoegd orgaan voor tijdelijk verblijf van Nederlandse verdragsgerechtigden.
in Titel III, Hoofdstuk 1 van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels zijn de relevante prestaties opgenomen.
de grondslag voor de beheerskostenvergoeding is artikel 39, derde lid, onder e van de Zvw. artikel 1 van het Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 augustus 2015, houdende de aanwijzing van enige organen ingevolge Verordening (EG) nr. 883/2004.
Zorgverzekeraar Zilveren Kruis ontvangt voor de uitvoering van zijn taken als Orgaan van de verblijfplaats en Bevoegd orgaan voor tijdelijk verblijf van Nederlandse verdragsgerechtigden een vergoeding vanuit het Zvf. Het CAK betaalt deze vergoedingen aan Zilveren Kruis en belast deze door aan ZIN als fondsbeheerder van het Zvf. De afspraken die het CAK met Zilveren Kruis heeft gemaakt over de publieke taakuitoefening, zijn vastgelegd in een overeenkomst.
Het CAK heeft ten aanzien van informatie die afkomstig is van Zilveren Kruis een gebruikersverantwoordelijkheid. Eventuele onzekerheden in de verkregen informatie van Zilveren Kruis dienen naar aard en omvang te worden beschreven en toegelicht in de bestuurlijke verantwoording door het CAK. Tevens treft het CAK waarborgen dat de contractuele bepalingen met Zilveren Kruis worden nageleefd en dat een accountant een controleverklaring verstrekt inzake de juistheid en volledigheid van de verantwoording en rechtmatigheid van de financiële stromen.
Zie paragraaf 4.2.13 Verrekening zorglasten verdragslanden via Orgaan van de verblijfplaats en paragraaf 4.2.14 Verrekening zorglasten Bevoegd orgaan voor tijdelijk verblijf Nederlandse verdragsgerechtigden.
Het CAK is belast met het vorderen van gelden op zorgverzekeraars inzake de kosten die voor Nederlandse verzekerden zijn gemaakt op grond van verdragen. De kosten die het CAK bij de zorgverzekeraars in rekening brengt zijn gelijk aan de kosten die Nederlandse verzekerden hebben gemaakt op grond van verdragen. Er zijn voor het CAK dus geen baten of lasten en de administratie loopt over de balans van het CAK.
Het CAK is door haar taak als verbindingsorgaan (zie paragraaf 4.2.10 Verrekeningen zorglasten met verdragslanden (verbindingsorgaan)) onder meer belast met het vorderen van gelden op zorgverzekeraars inzake bilaterale sociale zekerheidsverdragen. Regels hierover zijn te vinden in Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels (artikel 35 en 41) en Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels (artikel 66, tweede lid, en artikel 67). artikel 3 van het Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 augustus 2015 houdende de aanwijzing van enige organen ingevolge Verordening (EG) nr. 883/2004.
Zie paragraaf 4.2.9 Administratie en inning bijdrage verdragsgerechtigden voor de toepasselijke bilaterale sociale zekerheidsverdragen.
Het CAK financiert op grond van een overeenkomst met de SVB de Bureaus voor Sociale Zaken (de sociaal attachés) mee. De sociaal attachés waar het CAK gebruik van maakt, zijn gevestigd in Marokko, Turkije en Spanje. De attachés zijn in dienst van de SVB en voeren in opdracht van Nederlandse uitvoeringsinstellingen diensten uit op het terrein van de sociale zekerheid. Zij geven lokaal informatie over de Nederlandse sociale verzekeringen, waaronder de Zvw, en treden daarmee voor het CAK op als lokaal aanspreekpunt voor wat betreft de verdragsgerechtigden die in deze landen wonen of (tijdelijk) verblijven.
De SVB krijgt hiervoor een vergoeding uit het Zvf. Afhankelijk van de activiteiten die de sociaal attachés uitvoeren voor het CAK wordt het bedrag van de beheerskosten vastgesteld en doorberekend aan het Zvf. De SVB dient hiervoor facturen in bij het CAK.
De verantwoording voor deze geldstroom bestaat uit ingediende facturen (op basis van een kostenopgave bijlage) door de SVB, waarop de SVB het factuurbedrag naar rato factureert aan de verschillende Nederlandse uitvoeringsinstellingen, waaronder het CAK, voor wat betreft de activiteiten (aantallen geleverde prestaties) die de sociaal attachés voor de betreffende uitvoeringsorganisatie hebben verricht. Op de juistheid van de inhoud van de ingediende facturen door de SVB geldt een gebruikersverantwoordelijkheid voor het CAK. Eventuele onzekerheden in de verkregen informatie van de SVB dienen naar aard en omvang te worden beschreven en toegelicht in de bestuurlijke verantwoording door het CAK.
De daartoe gemandateerde functionarissen van het CAK beoordelen de ingediende facturen van de SVB zichtbaar op juistheid (voor zover mogelijk) conform de contractuele bepalingen tussen de SVB en het CAK en beslissen over de acceptatie en betaling daarvan ten laste van het Zvf.
De SVB ontvangt een vergoeding voor de activiteiten die sociaal attachés voor het CAK verrichten op basis van de Zvw (artikel 39, derde lid, onder e. Dit betreffen activiteiten in het kader van de taken voortvloeiend uit artikel 69, eerste lid).
Op 4 juni 2015 heeft het Europese Hof van Justitie (HvJ EU) uitspraak gedaan in de zaak Fischer-Lintjens. De uitspraak ziet toe op de toepassing van de aanwijsregels van Verordening (EEG) nr. 1408/71, de rechtsvoorganger van Verordening (EG) nr. 883/2004, met betrekking tot de ziektekostendekking voor gepensioneerden. Nederland werd in die casus, door de toekenning met terugwerkende kracht van een wettelijk pensioen, bevoegd om op te komen voor de ziektekosten met ingang van de ingangsdatum van het pensioen. Er ontstond echter een hiaat in de ziektekostendekking voor betrokkene, doordat de Zvw het sluiten van een zorgverzekering met terugwerkende kracht beperkt. Een zorgverzekering kan immers hooguit vier maanden terugwerken tot het moment waarop de verzekeringsplicht ontstond. Het HvJ EU oordeelde dat dit hiaat in de ziektekostendekking in strijd is met het Europese recht. De uitspraak is van toepassing op alle gevallen waarin iemand met toepassing van de aanwijsregels met terugwerkende kracht onder de Nederlandse socialezekerheidswetgeving valt.
Vooruitlopend op een wettelijke regeling heeft de voorzitter van de raad van bestuur van het CAK een volmacht (opdrachtbrief van het Ministerie van VWS met kenmerk 1236218-168051-Z van 16 november 2017, Besluit volmacht CAK Zorgkostendekking retroactief internationaal van 16 november 2017) van de Minister van het Ministerie van VWS gekregen om in gevallen als deze namens de Staat vaststellingsovereenkomsten te sluiten met betrokken personen, de zogenaamde Vrijwillige overeenkomst zorgkostendekking (VOZD). De burger beslist zelf of hij een overeenkomst sluit. De vergoede zorgkosten worden gedekt vanuit het Zvf, de geïnde bijdrage komt ten gunste van het Zvf (artikel 39 van de Zorgverzekeringswet).
In mei 2023 diende het Ministerie van VWS het wetsvoorstel Verzamelwet VWS 2023 in, waarin een nieuw wetsartikel over de VOZD is opgenomen. Het wetsvoorstel is per 1 januari 2025 in werking getreden.
Met ingang van 1 januari 2025 geldt artikel 68b Zvw, waardoor het CAK bevoegd is tot het sluiten van deze overeenkomsten. De financiële dekking voor deze regeling is vastgelegd in artikel 39 Zvw.
Artikel 4
Rechtmatigheidskader
Onderdeel van Model Jaarverslaggeving CAK bestuurlijke verantwoording burgerregelingen 2025· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 27 januari 2026
Verwijzingen
- artikel 70
- artikel 57
- artikel 18e
- artikel 9a
- artikel 3b
- artikel 6
- artikel 122a
- artikel 18a
- artikel 10
- artikel 5
- artikel 18f
- artikel 39
- artikel 6
- artikel 7a
- artikel 6
- artikel 6
- artikel 6
- artikel 6
- artikel 6
- artikel 34a
- artikel 5
- artikel 5
- artikel 18a
- artikel 5
- artikel 6
- artikel 66
- artikel 3
- artikel 35
- artikel 1
- artikel 1
- artikel 39
- artikel 1
- artikel 1
- artikel 6
- artikel 39 van de Zorgverzekeringswet
- artikel 39
- artikel 39
- artikel 1
- artikel 39
- artikel 69
- artikel 39
- artikel 67
- artikel 69
- artikel 6