De belangrijkste wegingsfactor bij een overtreding is het gezondheidsrisico voor mens of dier. Het gaat daarbij om de aard (ernst) van het risico dat ontstaat als het zich voordoet.
Uitgangspunt voor het vaststellen van de ernst van de overtreding is gerelateerd aan de veiligheid van het (eind)product. Dit kan ook een halffabricaat of grondstof zijn. De veiligheid heeft betrekking op de volksgezondheid, zoals vastgelegd in artikel 14 van Verordening (EG) nr. 178/2002.
Overtredingen worden ingedeeld naar de klassen zoals gedefinieerd in het Algemeen Interventiebeleid NVWA-IB03. In aanvulling hierop ziet de NVWA erop toe dat er bij elke overtreding passende acties worden genomen ten einde het risico op te heffen:
Zware overtreding: De overtreding en het daadwerkelijke risico moeten onmiddellijk door de ondernemer worden opgeheven of binnen een aantoonbaar afgesproken termijn. De bevindingen worden vastgelegd in het bedrijfsdossier.
Middelzware overtreding
De overtreding en het daadwerkelijke risico moeten onmiddellijk door de ondernemer worden opgeheven of binnen een aantoonbaar afgesproken termijn. De ondernemer krijgt de mogelijkheid om binnen een afgesproken termijn schriftelijk (digitaal) te reageren. In deze reactie beschrijft en/ of toont de ondernemer aan welke acties zijn ondernomen om de overtreding op te heffen. De bevindingen worden vastgelegd in het bedrijfsdossier.
In het domein Horeca en Ambachtelijke productie wordt twee keer een waarschuwing gegeven voor eenzelfde middelzware overtreding. Daarna volgt er een bestuurlijke boete. Voor de bedrijven die onder de formuleaanpak vallen en aangemelde bedrijven bij het Checkpunt Voedselveiligheid programma geldt hetgeen staat vermeld onder 3.2.
Lichte overtreding
De bevindingen worden vastgelegd in het bedrijfsdossier. Tijdens de volgende inspectie wordt beoordeeld of de lichte overtreding is opgeheven. Het al dan niet opgeheven zijn van de lichte overtreding wordt in het bedrijfsdossier vastgelegd.
Overtredingen van de Warenwet worden in de regel bestuurlijk afgedaan. Dit houdt in dat overtredingen van deze wet doorgaans worden gehandhaafd met een bestuurlijke boete en niet via het strafrecht.
Een overtreding van de Warenwet kan echter niet met een bestuurlijke boete worden afgedaan als voor die overtreding op basis van de Wet op de economische delicten een hogere geldboete kan worden opgelegd dan de in de bijlage ter zake van de overtreding voorziene bestuurlijke boete, en indien de opzettelijke of roekeloze overtreding een direct gevaar voor de gezondheid of veiligheid van de mens tot gevolg heeft óf de in de bijlage ter zake van de overtreding voorziene bestuurlijke boete aanmerkelijk wordt overschreden door het met de overtreding behaalde economisch voordeel (artikel 32a, derde lid, Warenwet). Dan wordt de overtreding afgedaan via strafrecht.
Daarnaast is in de Richtlijn voor strafvordering Warenwet een aantal situaties beschreven die zich lenen voor enkel strafrechtelijke afdoening.
Strafrechtelijke afdoening is niet voorbehouden aan een vooraf aan te geven overtreding van een bepaald voorschrift, maar kan in beginsel bij alle overtredingen van de bij of krachtens de Warenwet gestelde voorschriften noodzakelijk zijn.
De kolommen ‘Interventie bij eerste overtreding’ en ‘Interventie bij herhaalde overtreding’ in de bijlage van dit document vermelden uitsluitend de bestuurlijke sanctie als bestraffende sanctie die doorgaans wordt toegepast. Dit laat onverlet dat, als een overtreding zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk kan worden afgedaan, op grond van de specifieke feiten en omstandigheden kan worden besloten om in plaats van een bestuurlijke interventie een proces-verbaal op te maken ten behoeve van strafrechtelijke afdoening. Op voorhand is niet aan te geven wanneer wordt overgegaan tot een strafrechtelijke bestraffende sanctie. Daarom vormt deze paragraaf een aanvulling op bovengenoemde kolommen in de bijlage.
In alle gevallen geldt overigens dat een strafrechtelijke bestraffende sanctie (een proces-verbaal) te allen tijde kan worden gecombineerd met een bestuursrechtelijke corrigerende interventie (een herstelmaatregel).
De NVWA bepaalt zelf of een formule in aanmerking komt voor de formuleaanpak. Bij de bedrijven die onder de formuleaanpak vallen, houdt de NVWA door middel van steekproeven en kantooronderzoek toezicht op naleving van de voedselveiligheidsregels. Meer informatie over deze specifieke toezichtmethode, de formuleaanpak, is te vinden op de NVWA website in het webdossier:
Aanpak formulebedrijven levensmiddelen: https://www.nvwa.nl/over-de-nvwa/inhoud/hoe-de-nvwa-werkt/toezicht-maatregelen-en-boetes/aanpak-formulebedrijven-levensmiddelen.
Voor de formuleaanpak geldt:
Tijdens een handhavende steekproef wordt voor een middelzware overtreding gewaarschuwd.
Bij formulebedrijven met het oordeel ‘voldoet’ wordt bij de uitvoering van een inspectie in het kader van verminderd toezicht alleen bij zware overtredingen een bestuurlijke boete opgelegd. Lichte en middelzware overtredingen worden vastgelegd in het bedrijfsdossier en
direct mondeling gecommuniceerd met de belanghebbende locatie. De overtreding en het daadwerkelijke risico moeten onmiddellijk door de ondernemer worden opgeheven of binnen een aantoonbaar afgesproken termijn. Nadien wordt de belanghebbende formulehouder mondeling geïnformeerd over de vastgestelde overtredingen. De gegevens worden geanonimiseerd gedeeld met de formulehouder.
In haar risicogerichte toezicht maakt de NVWA gebruik van geaccepteerde private systemen – de zogenaamde zelfcontrolesystemen – die conform een door de NVWA vastgestelde systematiek controleren. Dit systeem vervangt het toezicht niet, maar kan van invloed zijn op de bezoekfrequentie, de diepgang, de tijdbesteding en de maatregelen in het bedrijf. Via onderstaande link is meer informatie te vinden over het Checkpunt Voedselveiligheid programma.
Checkpunt Voedselveiligheid programma: https://www.nvwa.nl/onderwerpen/kwaliteitssystemen-zelfcontrolesystemen-en-toezicht-nvwa/horeca-ambacht-zorginstellingen-retail-voedselveiligheid-haccp/zelfcontrolesystemen-horeca-ambacht-zorginstellingen-retail-en-toezicht-nvwa.
Voor het Checkpunt Voedselveiligheid programma gelden de volgende afwijkingen van het interventiebeleid:
Tijdens de steekproef (ter verificatie van de werking van het systeem in de praktijk) wordt alleen bij een zware overtreding een bestraffende sanctie toegepast. Bij middelzware of lichte overtredingen worden geen corrigerende interventies toegepast. Wel worden deze vastgelegd en gecommuniceerd met de ondernemer en het betreffende controle- en adviesbureau.
Tijdens de steekproef (ter verificatie van de werking van het systeem in de praktijk) wordt bij constatering van herhaalde overtredingen niet opgeschaald. Alle steekproefinspecties binnen het Checkpunt Voedselveiligheid programma worden afzonderlijk van elkaar beoordeeld.
Ook bij herinspectie en herbemonstering na een eerdere overtreding geconstateerd bij een steekproefinspectie binnen het Checkpunt Voedselveiligheid programma gelden de bovenstaande afspraken.
Met inachtneming van paragraaf 5.3 van het Algemeen Interventiebeleid waar is vermeld dat een (initiële) overtreding schriftelijk aan de ondernemer moet zijn bevestigd, geldt dat als herhaalde overtreding wordt aangemerkt een overtreding van dezelfde wettelijke norm, of van een wettelijke norm die betrekking heeft op vergelijkbare gedragingen, die bij de overtreder binnen de daaraan voorafgaande periode van twee jaren eerder is geconstateerd. Een herhaalde overtreding is beperkt tot dezelfde locatie.
Wettelijke normen die betrekking hebben op vergelijkbare gedragingen zijn bijvoorbeeld gedragingen gericht op:
beheersing kritische processen
hygiëne
bouwkundige zaken
onderhoud apparatuur
warmteborging
koelketen
vriesketen
onveilige producten
kwaliteit drinkwater gebruik
voorkoming van verontreiniging van levensmiddelen door huisdieren
wering, bestrijding of voorkoming van ongedierte in algemene zin
informatievoorziening
overige
Na het constateren van een zware of middelzware overtreding wordt een extra inspectie uitgevoerd om na te gaan of gemaakte afspraken over het opheffen van de overtreding zijn nagekomen.
Er wordt binnen een termijn van drie maanden een retribueerbare fysieke herinspectie of herbemonstering uitgevoerd.
Uitgezonderd seizoenbedrijven e.d. waar maatwerk van toepassing is
Er wordt binnen een termijn van drie maanden een retribueerbare fysieke herinspectie of herbemonstering uitgevoerd, tenzij;
door de inspecteur onderbouwd en beargumenteerd een andere termijn is afgesproken met de overtreder;
de schriftelijke (digitale) reactie van de ondernemer op de officiële waarschuwing adequaat is en heeft geleid tot opheffing van de overtreding.
Er wordt geen herinspectie en/of herbemonstering uitgevoerd.
Via onderstaande link is meer informatie te vinden over Verscherpt Toezicht bij horeca, ambacht en retail:
https://www.nvwa.nl/onderwerpen/voedselveiligheid-voor-ondernemers/verscherpt-toezicht-voor-horeca-ambacht-en-retail
Artikel 3
Werkwijze
Onderdeel van Specifiek interventiebeleid NVWA voedselveiligheid bij horeca, ambachtelijke productie, retail en instellingen (IB03-SPEC 37, versie 11)· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 april 2026