Naar hoofdinhoud
1. Een voortvluchtige delinkwent wordt niet overgeleverd indien de aangezochte Partij van oordeel is dat het feit waarvoor de betrokkene wordt vervolgd of werd veroordeeld, een delict van politieke aard is. 2. Een voortvluchtige delinkwent wordt niet overgeleverd indien de aangezochte Parij gegronde redenen heeft om aan te nemen: dat het verzoek om teruggeleiding (ofschoon dit beweerdelijk wordt gedaan ter zake van een feit waarvoor overlevering kan worden toegestaan) in feite is gedaan teneinde hem te vervolgen of te straffen wegens zijn ras, godsdienst, nationaliteit of politieke overtuiging; of dat hij, indien hij wordt teruggeleid, wordt benadeeld bij zijn berechting, of wordt gestraft, gedetineerd dan wel beperkt in zijn persoonlijke vrijheid, op grond van zijn ras, godsdienst, nationaliteit of politieke overtuiging. Opgeschort per 21 oktober 2020 (Trb. 2020/113).

Rechtspraak bij dit artikel