De overlevering van een voortvluchtige delinkwent kan ook worden geweigerd indien de aangezochte Partij van oordeel is dat:
het strafbare feit, gelet op alle omstandigheden, niet ernstig genoeg is om de overlevering te kunnen rechtvaardigen; of
er sprake is van buitensporige vertraging, om redenen die de voortvluchtige delinkwent niet kunnen worden toegerekend, bij het instellen van strafvervolging tegen hem, het aanhangig maken van de zaak ter terechtzitting of het doen ondergaan van de straf of het resterende gedeelte daarvan; of
de overlevering van de voortvluchtige delinkwent voor die Partij een schending van haar verplichtingen ingevolge internationale overeenkomsten met zich kan meebrengen; of
gezien de omstandigheden van de zaak, de overlevering van de voortvluchtige delinkwent onverenigbaar zou zijn met humanitaire overwegingen, gelet op diens leeftijd, gezondheid of andere persoonlijke omstandigheden.
Opgeschort per 21 oktober 2020 (Trb. 2020/113).
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Hong Kong inzake de overlevering van voortvluchtige delinkwenten· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 20 juni 1997