Naar hoofdinhoud
1. Deze Overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na de datum waarop de Overeenkomstsluitende Partijen elkander schriftelijk hebben meegedeeld dat aan de in hun onderscheiden landen daartoe constitutioneel vereiste procedures is voldaan, en zij blijft van kracht gedurende een tijdvak van vijftien jaar. 2. Tenzij door een van beide Overeenkomstsluitende Partijen ten minste zes maanden voor de datum van het verstrijken van de aanvankelijke geldigheidsduur kennisgeving van beëindiging is gedaan, wordt deze Overeenkomst stilzwijgend verlengd voor tijdvakken van tien jaar, waarbij iedere Overeenkomstsluitende Partij zich het recht voorbehoudt de Overeenkomst te beëindigen met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste zes maanden voor de datum van verstrijken van de lopende termijn van geldigheid. 3. Ten aanzien van investeringen die zijn gedaan voor de datum van beëindiging van deze Overeenkomst, blijven de voorgaande artikelen van kracht gedurende een tijdvak van vijftien jaar vanaf die datum. 4. Met inachtneming van de in het tweede lid van dit artikel genoemde termijn is de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden gerechtigd de toepassing van deze Overeenkomst ten aanzien van een van de delen van het Koninkrijk afzonderlijk te beëindigen.

Rechtspraak bij dit artikel