**1.** De autoriteiten van een krijgsmacht delen zo spoedig mogelijk de plannen voor het uitvoeren van manoeuvres en andere oefeningen, met inbegrip van die welke in de jaarprogramma's zijn vervat, gelijktijdig mede aan de betrokken Military District Commands, de betrokken Military District Offices of Defence Administration en de autoriteiten van de betrokken deelstaten van de Bondsrepubliek:
a.
bij een sterkte van ten hoogste een compagnie in geval van tactische oefeningen met troepen of ten hoogste 250 manschappen in geval van tactische oefeningen zonder troepen
uiterlijk vier weken voor aanvang van de manoeuvre en/of oefening
b.
bij een sterkte van ten hoogste een bataljon/regiment in geval van tactische oefeningen met troepen of meer dan 250 maar ten hoogste 600 manschappen in geval van tactische oefeningen zonder troepen
uiterlijk zes weken voor aanvang van de manoeuvre en/of oefening
c.
bij een sterkte van ten hoogste een brigade in geval van tactische oefeningen met troepen (Volltruppenübungen) of meer dan 600 maar ten hoogste 1500 manschappen in geval van tactische oefeningen zonder troepen
uiterlijk acht weken voor aanvang van de manoeuvre en/of oefening
d.
bij een sterkte van meer dan een brigade in geval van tactische oefeningen met troepen of meer dan 1500 manschappen in geval van tactische oefeningen zonder troepen
uiterlijk zestien weken voor aanvang van de manoeuvre en/of oefening
**2.** De plannen voor het uitvoeren van manoeuvres en andere oefeningen dienen de informatie te bevatten als genoemd in de Bijlage, die deel uitmaakt van deze Overeenkomst.
**3.** In de plannen voor het uitvoeren van manoeuvres en andere oefeningen wijzen de autoriteiten van een krijgsmacht de eenheden met een sterkte van minder dan een bataljon/regiment in geval van tactische oefeningen met troepen of minder dan 600 manschappen in geval van tactische oefeningen zonder troepen aan die naar de Bondsrepubliek worden overgebracht om aan manoeuvres of andere oefeningen deel te nemen. Voor zover deze verplaatsingen niet reeds zijn goedgekeurd overeenkomstig artikel 2, worden de autoriteiten van een krijgsmacht door de bevoegde Duitse autoriteiten in overeenstemming met artikel 8, eerste lid, in kennis gesteld van eventuele bezwaren. Er kunnen aanvullende akkoorden worden gesloten.
**4.** Op verzoek van de autoriteiten van een krijgsmacht kunnen de bevoegde Duitse militaire autoriteiten overeenkomsten sluiten met de onderscheiden autoriteiten van de deelstaten van de Bondsrepubliek inzake vereenvoudigde procedures voor de kennisgeving van oefeningen. Lokale oefeningsregelingen op garnizoensniveau kunnen door de autoriteiten van een krijgsmacht en de bevoegde plaatselijke autoriteiten worden getroffen. Het bevoegde Military Region Command wordt hiervan in kennis gesteld.
DEEL II
Artikel 4
Artikel 4
Deze tekst geldt sinds 29 maart 1998