Naar hoofdinhoud
1. De autoriteiten van een krijgsmacht stellen het bevoegde Military Region Command binnen 12 uur na afkondiging van het alarm in kennis van alarmoefeningen. Daarbij dient te worden medegedeeld: de eenheid die de alarmoefening houdt, het oefengebied, de oefenperiode. 2. Een alarmoefening mag slechts door een manoeuvre of een andere oefening worden gevolgd indien kennisgeving is gedaan overeenkomstig artikel 4 of artikel 5. 3. Als alarmoefeningen worden beschouwd oefeningen die zijn bedoeld als onaangekondigde controle op maatregelen ter vergroting, opbouw en handhaving van de paraatheid van eenheden. Deze worden in het algemeen gehouden in de stationeringsplaats in vredestijd van de betrokken eenheid en eindigen aldaar of na verplaatsing naar verspreidingsgebieden in de nabijheid van die plaats.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel