Naar hoofdinhoud
1. In verband met de meerkosten welke de aanleg van de Hogesnelheidslijn volgens het in artikel 2, eerste lid, bepaalde tracé voor België meebrengt ten opzichte van het Havenweg-tracé, zal Nederland aan België een eenmalige en forfaitaire bijdrage van 823.000.000 (achthonderd drieëntwintig miljoen) Nederlandse gulden betalen. België zal deze som, tezamen met de betreffende interest ingevolge het tweede lid, onder b, daadwerkelijk en aantoonbaar besteden aan de voorbereiding en de aanleg van het deel van de Hogesnelheidslijn gelegen op Belgisch grondgebied en zal hierover aan het Opvolgingscomité alle nodige inlichtingen verstrekken. 2. De in het eerste lid bepaalde bijdrage zal als volgt worden betaald: een bedrag van ten minste 200.000.000 (tweehonderd miljoen) Nederlandse gulden, valuta per 2 januari 1997; het saldo, uiterlijk valuta per 4 januari 1999, tezamen met interest tegen 6% vanaf 2 januari 1997 tot de datum van effectieve betaling en te kapitaliseren per 1 januari 1998. 3. De betalingen ingevolge het tweede lid zullen worden verricht door overschrijving ten gunste van de Belgische Schatkist op rekening nummer 1 van de Nationale Bank van België bij De Nederlandsche Bank N.V. In geval van laattijdige betaling is op het betreffende bedrag automatisch, zonder aanmaning, interest verschuldigd tegen AIBOR plus 100 basispunten, met een minimum van 6%.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel