De bepalingen van
het Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten (NAVO-Status Verdrag) van 19 juni 1951,
de Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, met betrekking tot de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde buitenlandse krijgsmachten (Aanvullende Overeenkomst Duitsland), als gewijzigd op 18 maart 1993,
de Briefwisseling van 25 september 1990, als gewijzigd op 12 september 1994, bij het NAVO-Status Verdrag, de Aanvullende Overeenkomst Duitsland en de daarbij behorende akkoorden,
de Aanvullende Overeenkomst bij het NAVO-Status Verdrag met betrekking tot Duitse strijdkrachten gestationeerd in het Koninkrijk der Nederlanden (Aanvullende Overeenkomst Nederland) van 6 oktober 1997, en het daarbij behorende Protocol,
en dit Verdrag
zijn van toepassing op de strijdkrachten, de civiele component, de leden daarvan en hun gezinsleden.
Ingevolge artikel 1, tweede lid, van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Georgië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten van 3 mei 2006 (Pb. EU L 134 van 20 mei 2006, blz. 24-31) wordt vanaf 25 februari 2008, wanneer in de Engelse tekst van het Verdrag, met Bijlage, wordt verwezen naar “nationals” van het Koninkrijk der Nederlanden, dit begrepen als een verwijzing naar “nationals” van de lidstaten van de Europese Unie . De bepalingen van artikel 2, tweede en derde lid, van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Georgië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten van 3 mei 2006 (Pb. EU L 134 van 20 mei 2006, blz. 24-31) hebben vanaf 25 februari 2008 voorrang op de overeenkomstige bepalingen van dit artikel (Trb. 2012/169).
Ingevolge artikel 1, tweede lid, van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Georgië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten van 3 mei 2006 (Pb. EU L 134 van 20 mei 2006, blz. 24-31) wordt vanaf 25 februari 2008, wanneer in de Engelse tekst van het Verdrag, met Bijlage, wordt verwezen naar “nationals” van het Koninkrijk der Nederlanden, dit begrepen als een verwijzing naar “nationals” van de lidstaten van de Europese Unie . De bepalingen van artikel 2, tweede en derde lid, van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Georgië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten van 3 mei 2006 (Pb. EU L 134 van 20 mei 2006, blz. 24-31) hebben vanaf 25 februari 2008 voorrang op de overeenkomstige bepalingen van dit artikel (Trb. 2012/169).
Artikel 5
Rechtspositie van de strijdkrachten, de civiele component, de leden daarvan en hun gezinsleden
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland inzake de algemene voorwaarden voor het 1 (Duits/Nederlandse) legerkorps en de aan het korps verbonden eenheden en instellingen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 september 2000