**1.** De identificatie, voorbereiding, beoordeling en supervisie van projecten en programma's ingevolge dit Verdrag worden uitgevoerd onder de eindverantwoordelijkheid van de Ontvangende Staat. De Ontvangende Staat vrijwaart de Zendstaat ter zake van elke verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor deze projecten en programma's ingevolge de wetgeving van de Ontvangende Staat.
**2.** Vertegenwoordigers van de Zendstaat worden in overleg met de Ontvangende Staat in de gelegenheid gesteld zich in situ op de hoogte te stellen van de voortgang van de projecten en programma's, en de projecten en programma's te evalueren.
**3.** De Ontvangende Staat zal met betrekking tot de door de Zendstaat ter beschikking gestelde middelen genoemd in artikel I, derde lid:
deze middelen vrijstellen van alle invoer- en uitvoerrechten en alle andere officiële heffingen, met inbegrip van belasting over de toegevoegde waarde;
zorgdragen voor spoedige en veilige inontvangstneming, voor het spoedig en veilig afmeren, behandelen, inklaren, verzenden alsmede de opslag en het verdere transport binnen het rechtsgebied van de Ontvangende Staat;
alle passende maatregelen en alle eventuele noodzakelijke gerechtelijke stappen nemen in het kader van aanspraken wegens verlies of beschadiging, geheel dan wel gedeeltelijk, van een zending middelen en de Zendstaat onmiddellijk daarna hiervan in kennis stellen;
de registratie van motorvoertuigen die de Ontvangende Staat binnengebracht worden, vergemakkelijken.
De Zendstaat stelt de Ontvangende Staat tijdig in kennis van de locatie van deze middelen.
**4.** Alle middelen, bedoeld in artikel I, derde lid, welke door de Zendstaat worden geleverd, zijn bestemd voor de overheid van de Zendstaat en blijven eigendom van de Zendstaat, tenzij anders is overeengekomen. Na afloop van een project of programma nemen de Zendstaat en de Ontvangende Staat in onderling overleg een besluit over een andere bestemming en/of overdracht van eigendom. Goederen, grondstoffen, machines en uitrusting die de Ontvangende Staat zijn binnengebracht op basis van een lening of gedeeltelijke financiering zijn echter eigendom van de Ontvangende Staat.
Artikel VII
Projecten en programma's
Onderdeel van Verdrag inzake ontwikkelingssamenwerking tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Uganda· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1999