Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Slowaakse Republiek inzake internationaal vervoer over de weg· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 december 1999

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder: „vervoerder”: een persoon (met inbegrip van een rechtspersoon) die op het grondgebied van de Slowaakse Republiek of het Koninkrijk der Nederlanden gevestigd is en die overeenkomstig de desbetreffende nationale wetten en voorschriften in het land van vestiging wettig is toe-gelaten tot de markt voor het vervoer van goederen of personen over de weg tegen betaling of voor eigen rekening; „voertuig”: een motorvoertuig of combinatie van voertuigen waarvan ten minste het motorvoertuig is geregistreerd op het grondgebied van de Slowaakse Republiek of het Koninkrijk der Nederlanden en dat uitsluitend wordt gebruikt en is uitgerust voor het vervoer van goederen of personen per bus; „cabotage”: vervoerswerkzaamheden binnen het grondgebied van de Slowaakse Republiek of het Koninkrijk der Nederlanden, het gastheerland, waarbij de laad- en losplaatsen zich bevinden in dat land, van een in het andere land gevestigde vervoerondernemer; „vervoer”: het rijden met beladen of onbeladen voertuigen over de weg, ook indien het voertuig, de aanhangwagen of de oplegger voor een deel van de rit reist per spoor of via waterwegen; „gastheerland”: het grondgebied van de Slowaakse Republiek of het Koninkrijk der Nederlanden waarin het voertuig vervoer verricht, terwijl het daar niet is geregistreerd en de vervoerondernemer daar niet is gevestigd.

Rechtspraak bij dit artikel