**1.** De bepalingen van dit Verdrag laten de rechten en verplichtingen onverlet die de Verdragsluitende Partijen krachtens hun wetgeving hebben met betrekking tot de bescherming van informatie tegen openbaarmaking. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder „informatie" mede verstaan: informatie met betrekking tot de nationale veiligheid of de fysieke bescherming van kernmateriaal, informatie die wordt beschermd uit hoofde van de intellectuele eigendom of uit hoofde van het fabrieks- en handelsgeheim, en persoonsgegevens.
**2.** Wanneer, in het kader van dit Verdrag, een Verdragsluitende Partij informatie verstrekt die door haar is aangemerkt als beschermd in de zin van het eerste lid, wordt deze informatie uitsluitend gebruikt voor de doeleinden waarvoor zij werd verstrekt en wordt het vertrouwelijk karakter daarvan geëerbiedigd.
**3.** Wat betreft de informatie inzake de bestraalde splijtstof of het radioactief afval die krachtens artikel 3, derde lid, onder de werkingssfeer van dit Verdrag valt, doen de bepalingen van dit Verdrag geen afbreuk aan de uitsluitende bevoegdheid van de betrokken Verdragsluitende Partij om te beslissen:
of deze informatie wordt geclassificeerd of aan een andere vorm van controle wordt onderworpen om verspreiding te voorkomen;
of de onder i. bedoelde informatie in het kader van dit Verdrag moet worden verstrekt; en
welke voorwaarden inzake vertrouwelijkheid aan deze informatie verbonden worden, indien zij in het kader van dit Verdrag wordt verstrekt.
**4.** De inhoud van de besprekingen gedurende het toetsen van de nationale rapporten op iedere krachtens artikel 30 gehouden toetsingsvergadering is vertrouwelijk.
HOOFDSTUK 6
Artikel 36
Vertrouwelijkheid
Onderdeel van Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 18 juni 2001