Wanneer ten behoeve van de Bundeswehr vorderingsmaatregelen volgens de Nederlandse voorschriften worden genomen, zijn de volgende bepalingen van toepassing:
De maatregelen worden genomen door de Nederlandse autoriteiten, die in overleg met de autoriteiten van de Bundeswehr worden aangewezen.
De bevoegde Nederlandse autoriteiten belasten zich, in overeenstemming met administratieve overeenkomsten, met de uitoefening van rechten en de vervulling van verplichtingen die voortvloeien uit de positie van de Bundeswehr als ontvanger van het gevorderde.
De Bundeswehr vervult echter zelf die verplichtingen die naar hun aard niet door de Nederlandse autoriteiten kunnen worden vervuld. De Nederlandse autoriteiten die de belangen van de Bundeswehr behartigen inzake de uit te betalen schadeloosstelling aanvaarden voorstellen van degene van wie wordt gevorderd of van de met de vaststelling van de schadeloosstelling belaste autoriteiten slechts in overleg met de autoriteiten van de Bundeswehr; de Nederlandse autoriteiten dienen zelf geen voorstellen in met betrekking tot het bedrag van de schadeloosstelling dan nadat een zodanig overleg heeft plaatsgehad. De bepalingen van artikel 46 van deze Overeenkomst blijven onverlet.
Rechtsgedingen ten behoeve van of tegen de Bundeswehr, voortvloeiend uit haar positie als ontvanger van het gevorderde, worden door en in naam van het Koninkrijk der Nederlanden ingesteld of verdedigd.
Artikel 45
Vorderingsmaatregelen
Onderdeel van Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag van 19 juni 1951 tussen de Staten die Partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten met betrekking tot de in het Koninkrijk der Nederlanden gestationeerde Duitse strijdkrachten· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 september 2000