195 1. De Lidstaten streven ernaar het aantal frequenties in het gebruikte spectrum te beperken tot het minimum dat nodig is om de nodige diensten op een behoorlijke wijze te verlenen. Hiertoe streven zij ernaar zo snel mogelijk de laatste technische vernieuwingen toe te passen.
196 PP-98 2. Bij het gebruik van frequentiebanden voor radiodiensten houden de Lidstaten er rekening mee dat radiofrequenties en bijbehorende banen, met inbegrip van geostationaire satellietomloopposities, beperkte natuurlijke hulpbronnen zijn die, overeenkomstig de bepalingen van het Radioreglement, op rationele, doeltreffende en economische wijze moeten worden gebruikt, zodat landen of groepen van landen billijk toegang tot deze omloopposities en frequenties kunnen krijgen, met inachtneming van de bijzondere behoeften van ontwikkelingslanden en de geografische situatie van sommige landen.
HOOFDTUK VII
Artikel 44
Gebruik van het radiofrequentiespectrum en van de geostationaire satellietomloopposities en andere satellietomloopposities
Onderdeel van Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie· Informatierecht
Deze tekst geldt sinds 21 november 2008