Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 29

Centrale autoriteit

Onderdeel van Verdrag inzake de strafrechtelijke bestrijding van corruptie· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2002

1. De Partijen wijzen een centrale autoriteit of, waar nodig, verscheidene centrale autoriteiten aan, belast met het verzenden en het beantwoorden van de krachtens dit hoofdstuk opgestelde verzoeken en met de uitvoering daarvan of de doorzending aan de autoriteiten die bevoegd zijn deze uit te voeren. 2. Iedere Partij deelt, op het tijdstip van ondertekening of bij het nederleggen van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of toetreding, de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa de naam en het adres van de ingevolge het eerste lid aangewezen autoriteiten mee.

Rechtspraak bij dit artikel