Naar hoofdinhoud

Artikel IV

Bevoegdheden van de Bank en andere aangelegenheden

Onderdeel van Verdrag inzake het beheer van het Multilateraal Investeringsfonds· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 26 september 2002

De Bank verklaart ingevolge artikel VII, sectie 1, onder v, van de Overeenkomst tot oprichting van de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (hierna genoemd het „Handvest") bevoegd te zijn tot uitvoering van de bepalingen van dit Verdrag, waarbij de uit hoofde van dit Verdrag ondernomen activiteiten zullen bijdragen aan het vervullen van de doelstellingen van de Bank. Tenzij in dit Verdrag anders wordt bepaald, is de Bank bevoegd alle handelingen te verrichten en alle overeenkomsten aan te gaan om haar taken ingevolge dit Verdrag te vervullen. De Bank investeert gelden van het Fonds die niet nodig zijn voor de werkzaamheden daarvan, in zekerheden van dezelfde aard als waarin zij haar eigen fondsen investeert ingevolge haar investeringsbevoegdheid. De Bank neemt bij het verrichten van haar taken ingevolge dit Verdrag dezelfde zorgvuldigheid in acht die zij in acht neemt ten aanzien van het beheer van haar eigen zaken. De Bank ontvangt volledige terugbetaling uit het Fonds van directe en indirecte kosten gemaakt voor haar activiteiten met betrekking tot het Fonds en die van de Inter-Amerikaanse Investeringsmaatschappij, met inbegrip van de bezoldiging van het personeel van de Bank voor de feitelijk aan het beheer van het Fonds bestede tijd, reiskosten per dag, kosten van communicatie en overige direct vast te stellen uitgaven, afzonderlijk berekend en vastgelegd als beheerkosten voor het Fonds. Over de procedure voor het vaststellen en berekenen van de aan de Bank terug te betalen kosten en de criteria voor terugbetaling van de in paragraaf a omschreven kosten geldende criteria wordt onderling overeenstemming bereikt door de Bank en het Donorencomité binnen een tijdvak van ten hoogste negentig dagen na de inwerkingtreding van het Oprichtingsverdrag. Deze procedure kan van tijd tot tijd worden herzien op voorstel van de Bank of van het Donorencomité en de toepassing van de wijzigingen die voortvloeien uit deze herziening behoeft goedkeuring van de Bank en van dat Comité. Bij het beheren van het Fonds kan de Bank overleggen en samenwerken met publieke en private nationale en internationale organisaties die werkzaam zijn op het gebied van sociale en economische ontwikkeling, wanneer dat dienstig is voor het verwezenlijken van de doelstellingen van het Fonds of voor optimale, doelmatige aanwending van de middelen van het Fonds. Naast evaluaties waarom verzocht wordt door het Donorcomité, evalueert de Bank op gezette tijden de werkzaamheden die zij heeft ondernomen ingevolge dit Verdrag en brengt van deze evaluaties verslag uit aan het Donorencomité.

Rechtspraak bij dit artikel