Naar hoofdinhoud
1. De Staten zorgen ervoor dat de vaartuigen die hun vlag voeren de in subregionaal of regionaal verband vastgestelde maatregelen voor de instandhouding en het beheer van de grensoverschrijdende en de over grote afstanden trekkende visbestanden naleven. Daartoe nemen de Staten de volgende maatregelen: zij zorgen voor rechtshandhaving, ongeacht de plaats van de overtreding; zij zorgen voor een onmiddellijk en grondig onderzoek, dat fysieke inspectie van de betrokken vaartuigen kan omvatten, van beweerde overtredingen van in subregionaal of regionaal verband vastgestelde instandhoudings- en beheersmaatregelen en rapporteren de Staat die de beweerde overtreding meldt en de instanties van de betrokken organisatie of het betrokken akkoord in subregionaal of regionaal verband onverwijld over de voortgang en de resultaten van het onderzoek; zij verplichten alle vissersvaartuigen die hun vlag voeren om de onderzoeksautoriteiten gegevens te verstrekken over de positie van het vaartuig, de vangsten, het vistuig, de visserij en de daarmee verband houdende activiteiten in het gebied waar er een overtreding zou zijn geweest; zij geven, wanneer zij ervan overtuigd zijn dat voldoende bewijsmateriaal beschikbaar is met betrekking tot een beweerde overtreding, de zaak door aan hun autoriteiten teneinde onverwijld te komen tot een gerechtelijke actie overeenkomstig hun wetten en leggen, zo nodig, het vaartuig aan de ketting, en zij zorgen ervoor dat, wanneer overeenkomstig hun wetten is vastgesteld dat een vaartuig betrokken is geweest bij een ernstige overtreding van deze maatregelen, het betrokken vaartuig de visserij op de volle zee niet hervat voordat alle door de Vlaggestaat voor die overtreding opgelegde sancties zijn uitgevoerd. 2. Alle onderzoeken en gerechtelijke acties moeten snel worden uitgevoerd. Sancties voor overtredingen moeten voldoende streng zijn om ervoor te zorgen dat de maatregelen worden nageleefd en om de betrokkenen te weerhouden van overtredingen, waar dan ook, en moeten voorts meebrengen dat de overtreders de winst uit hun onwettige activiteiten wordt ontnomen. De maatregelen ten aanzien van kapiteins en andere officieren van vissersvaartuigen dienen bepalingen te omvatten op grond waarvan onder andere vergunningen om op die vaartuigen in die functies te werken, kunnen worden geweigerd, ingetrokken of geschorst.

Rechtspraak bij dit artikel