**1.** De Partij waaraan de bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen toebehoren die zich bevinden in aangewezen permanente opslagplaatsen maakt, in overeenstemming met het Protocol inzake informatie-uitwisseling, de aangewezen permanente opslagplaatsen bekend aan alle andere Partijen. In de bekendmaking worden de benaming en de ligging, met inbegrip van geografische coördinaten, van de aangewezen permanente opslagplaatsen vermeld, alsmede de aantallen per type van elke categorie van haar bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die zich in elk van deze opslagplaatsen bevinden.
**2.** Aangewezen permanente opslagplaatsen bevatten slechts voorzieningen die geschikt zijn voor de opslag en het onderhoud van wapensystemen (bijvoorbeeld loodsen, garages, werkplaatsen en bijbehorende opslagruimten, alsmede andere ondersteunende accommodatie). Aangewezen permanente opslagplaatsen mogen geen schietbanen of oefenterreinen omvatten die verband houden met bij dit Verdrag beperkte conventionele wapensystemen. Aangewezen permanente opslagplaatsen bevatten slechts wapensystemen die behoren tot de conventionele strijdkrachten van een Partij.
**3.** Elke aangewezen permanente opslagplaats heeft een duidelijk bepaalde begrenzing die wordt gevormd door een ononderbroken omheining met een hoogte van ten minste 1,5 m. De omheining bevat ten hoogste drie doorgangen die als enige in- en uitgang dienen voor de wapensystemen.
**4.** Bij dit Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die zich bevinden in aangewezen permanente opslagplaatsen worden geteld als bij het Verdrag beperkteconventionele wapensystemen die niet in actieve eenheden zijn, zelfs wanneer zij tijdelijk worden verwijderd in overeenstemming met het zevende, achtste, negende en tiende lid van dit artikel. Bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die zijn opgeslagen in andere plaatsen dan aangewezen permanente opslagplaatsen worden geteld als bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen in actieve eenheden.
**5.** Actieve eenheden mogen zich niet bevinden, in aangewezen permanente opslagplaatsen, behalve voor zover anders is bepaald in het zesde lid van dit artikel.
**6.** In aangewezen permanente opslagplaatsen mag zich slechts personeel bevinden dat betrokken is bij de beveiliging of het functioneren van aangewezen permanente opslagplaatsen, dan wel het onderhoud van de aldaar opgeslagen wapensystemen.
**7.** Ten behoeve van het onderhoud, de reparatie of aanpassing van bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die zich bevinden in-aangewezen permanente opslagplaatsen heeft elke Partij het recht om, zonder voorafgaande bekendmaking, hetzij maximaal 10 procent, naar boven afgerond op het eerstvolgende hele even getal, van het bekendgemaakte aantal van elke categorie van bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen in elke aangewezen permanente opslagplaats, hetzij 10 stuks van de bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen van elke categorie in elke aangewezen permanente opslagplaats, naar gelang van welk aantal het kleinst is, gelijktijdig uit aangewezen permanente opslagplaatsen te verwijderen en daarbuiten te houden.
**8.** Behoudens het bepaalde in het zevende lid van dit artikel mag een Partij geen bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen verwijderen uit aangewezen permanente opslagplaatsen, tenzij zulks ten minste 42 dagen van tevoren aan alle andere Partijen is bekendgemaakt. De bekendmaking geschiedt door de Partij waaraan de bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen toebehoren. In de bekendmaking dienen te zijn vermeld:
de ligging van de aangewezen permanente opslagplaats waaruit bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen zullen worden verwijderd, alsmede de aantallen per type van de bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen van elke categorie die worden verwijderd;
de data van verwijdering en terugbrenging van bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen; en
de voorgenomen plaats en het voorgenomen gebruik van bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen wanneer deze zich buiten de aangewezen permanente opslagplaats bevinden.
**9.** Behoudens het bepaalde in het zevende lid van dit artikel mogen de totale aantallen van bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die uit aangewezen permanente opslagplaatsen worden verwijderd en daarbuiten worden gehouden door Partijen die tot dezelfde groep van Partijen behoren, nimmer meer bedragen dan de volgende aantallen:
550 gevechtstanks;
1000 pantsergevechtsvoertuigen; en
300stuks artillerie.
**10.** Bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die uit aangewezen permanente opslagplaatsen zijn verwijderd ingevolge het achtste en het negende lid van dit artikel, worden uiterlijk 42 dagen na verwijdering naar aangewezen permanente opslagplaatsen teruggebracht, met uitzondering van de bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die zijn verwijderd voor revisie in de fabriek. Deze wapensystemen worden onmiddellijk na voltooiing van de revisie naar aangewezen permanente opslagplaatsen teruggebracht.
**11.** Elke Partij heeft het recht om bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die zich in aangewezen permanente opslagplaatsen bevinden te vervangen. Elke Partij maakt aan het begin van de vervanging aan alle andere Partijen bekend het aantal, de verblijfplaats, het type en de bestemming van bij het Verdrag beperkte conventionele wapensystemen die worden vervangen.
Opgeschort per 7 december 2023 (Trb. 2023/141).
Opgeschort per 7 december 2023 (Trb. 2023/141).
Artikel X
Artikel X
Onderdeel van Verdrag inzake conventionele strijdkrachten in Europa· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 9 november 1992