Het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden stelt de Staten die Lid zijn van de Conferentie, alsmede de Staten die zijn toegetreden overeenkomstig het in artikel 24 bepaalde, in kennis van:
de ondertekeningen, bekrachtigingen, aanvaardingen en goedkeuringen bedoeld in artikel 23;
de toetredingen bedoeld in artikel 24;
de datum waarop het Verdrag in werking treedt overeenkomstig het in artikel 26 bepaalde;
de toepasselijkverklaringen bedoeld in artikel 25;
de verklaringen bedoeld in artikel 21;
de voorbehouden en intrekkingen van voorbehouden bedoeld in artikel 18;
de opzeggingen bedoeld in artikel 27.
HOOFDSTUK V
Artikel 28
Artikel 28
Onderdeel van Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 oktober 1992