**1.** Elke overeenkomstsluitende partij is, samen met de gebieden waartoe de overeenkomst zich uitstrekt op grond van artikel 48, lid 1, één lid van de Organisatie, tenzij in de artikelen 5 en 6 anders wordt bepaald.
**2.** Een lid kan op de door de Raad vast te stellen voorwaarden veranderen van lidmaatschapscategorie.
**3.** Verwijzingen in deze overeenkomst naar een regering dienen te worden begrepen als mede inhoudende verwijzing naar de Europese Gemeenschap of andere intergouvernementele organisaties met vergelijkbare verantwoordelijkheden betreffende het onderhandelen over, en het sluiten en toepassen van internationale overeenkomsten, in het bijzonder grondstoffenovereenkomsten.
**4.** Een dergelijke intergouvernementele organisatie heeft zelf geen stem, maar is bij een stemming over aangelegenheden die binnen haar bevoegdheid vallen, gerechtigd de stemmen van haar lidstaten collectief uit te brengen. In dergelijke gevallen kunnen de lidstaten van de bedoelde intergouvernementele organisatie niet zelf gebruikmaken van hun individueel stemrecht.
**5.** Een dergelijke intergouvernementele organisatie kan niet worden verkozen tot lid van de Bestuursraad overeenkomstig artikel 17, lid 1, maar kan deelnemen aan de besprekingen binnen de Bestuursraad van aangelegenheden die onder haar bevoegdheid vallen. Bij stemming over onder haar bevoegdheid vallende aangelegenheden kunnen, in afwijking van artikel 20, lid 1, de stemmen die haar lidstaten gerechtigd zijn uit te brengen in de Bestuursraad collectief worden uitgebracht door één van die lidstaten.
HOOFDSTUK IV
Artikel 4
Lidmaatschap van de organisatie
Onderdeel van Internationale Koffieovereenkomst 2001· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 25 mei 2007