Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK XIV

Artikel 48

Uitbreiding tot aangewezen gebieden

Onderdeel van Internationale Koffieovereenkomst 2001· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 25 mei 2007

1. Iedere regering kan bij de ondertekening of de nederlegging van een akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring, voorlopige toepassing of toetreding, dan wel op ongeacht welk tijdstip daarna, door middel van kennisgeving aan de secretaris-generaal van de Verenigde Naties verklaren dat deze overeenkomst van toepassing is op een of meer van de gebieden waarvan zij de internationale betrekkingen behartigt; deze overeenkomst is met ingang van de datum van de kennisgeving van toepassing op de daarin vermelde gebieden. 2. Een overeenkomstsluitende partij die ten aanzien van een of meer van de gebieden waarvan zij de internationale betrekkingen behartigt, de in artikel 5 bedoelde rechten wenst uit te oefenen of die een dergelijk gebied wenst te machtigen zich aan te sluiten bij een overeenkomstig artikel 6 gevormde ledengroep, krijgt daartoe de mogelijkheid door kennisgeving daarvan te doen aan de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, hetzij bij de nederlegging van de akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring, voorlopige toepassing of toetreding, hetzij op een later tijdstip. 3. Een overeenkomstsluitende partij die overeenkomstig lid 1 een verklaring heeft afgelegd, kan daarna te allen tijde door daarvan kennisgeving te doen aan de secretaris-generaal van de Verenigde Naties verklaren dat deze overeenkomst niet langer van toepassing is op het in de kennisgeving genoemde gebied. Deze overeenkomst is dan met ingang van de datum van die kennisgeving op bedoeld gebied niet langer van toepassing. 4. Indien een gebied waarop deze overeenkomst op grond van lid 1 van toepassing is geworden, onafhankelijk wordt, kan de regering van de nieuwe staat binnen negentig dagen na het verkrijgen van de onafhankelijkheid, door daarvan kennisgeving te doen aan de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, verklaren dat zij de rechten en verplichtingen van overeenkomstsluitende partij op zich heeft genomen. Zij wordt dan met ingang van de datum van die kennisgeving overeenkomstsluitende partij bij deze overeenkomst. De periode waarbinnen deze kennisgeving dient te worden gedaan, kan door de Raad worden verlengd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel