Naar hoofdinhoud
6.1. In de volgende leden wordt onder „tarief” verstaan de vervoerprijs die door een luchtvaartmaatschappij in rekening wordt gebracht voor het vervoer van passagiers en hun bagage, en de vrachtprijs die door een luchtvaartmaatschappij in rekening wordt gebracht voor het vervoer van vracht op lijndiensten, alsmede de voorwaarden met betrekking tot de beschikbaarheid of de toepasbaarheid van deze vervoerprijs of vrachtprijs, alsmede de prijzen en voorwaarden voor de bij dit vervoer komende diensten. 6.2. De tarieven die door de luchtvaartmaatschappijen van de ene Overeenkomstsluitende Partij in rekening worden gebracht voor het vervoer naar en vanuit het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij, dienen te worden vastgesteld op een redelijk niveau, waarbij naar behoren rekening wordt gehouden met alle ter zake dienende factoren, daaronder begrepen de exploitatiekosten, een redelijke winst en de tarieven van andere luchtvaartmaatschappijen. 6.3. De in het tweede lid van dit artikel bedoelde tarieven dienen zo mogelijk te worden overeengekomen door de betrokken aangewezen luchtvaartmaatschappijen van beide Overeenkomstsluitende Partijen, na overleg met de andere luchtvaartmaatschappijen die geheel of gedeeltelijk van deze route gebruik maken, en deze overeenkomst wordt waar mogelijk tot stand gebracht met behulp van voor beide Partijen aanvaardbare procedures. 6.4. De aldus overeengekomen tarieven worden aan de luchtvaartautoriteiten van beide Overeenkomstsluitende Partijen ter goedkeuring voorgelegd ten minste vijfenveertig (45) dagen vóór de voorgestelde datum van invoering daarvan. In bijzondere gevallen kan deze termijn worden bekort, behoudens de goedkeuring van de bedoelde autoriteiten. 6.5. Deze goedkeuring kan uitdrukkelijk worden verleend; indien geen van de luchtvaartautoriteiten kennis van afkeuring heeft gegeven binnen dertig (30) dagen na de datum van voorlegging, overeenkomstig het bepaalde in het vierde lid van dit artikel, worden deze tarieven geacht te zijn goedgekeurd. Ingeval de termijn van voorlegging wordt bekort, zoals bepaald in het vierde lid, kunnen de luchtvaartautoriteiten overeenkomen dat de termijn waarbinnen slechts kennisgeving van afkeuring moet geschieden, korter is dan dertig (30) dagen. 6.6. Indien geen tarief kan worden overeengekomen volgens het bepaalde in het derde lid van dit artikel of indien gedurende de krachtens het bepaalde in het vijfde lid van dit artikel van toepassing zijnde termijn de ene luchtvaartautoriteit kennis geeft aan de andere luchtvaartautoriteit dat zij een krachtens het bepaalde in het derde lid van dit artikel overeengekomen tarief afkeurt, trachten de luchtvaartautoriteiten van beide Overeenkomstsluitende Partijen, na overleg met de luchtvaartautoriteiten van een andere Staat wier advies zij nuttig achten, het tarief in onderlinge overeenstemming vast te stellen. 6.7. Indien de luchtvaartautoriteiten geen overeenstemming kunnen bereiken over een krachtens het bepaalde in het vierde lid van dit artikel aan hen voorgelegd tarief of over de vaststelling van een tarief krachtens het bepaalde in het zesde lid van dit artikel, wordt het geschil geregeld overeenkomstig het bepaalde in artikel 15 van deze Overeenkomst. 6.8. Een krachtens het bepaalde in dit artikel vastgelegd tarief blijft van kracht totdat een nieuw tarief is vastgesteld. Desondanks wordt de geldingsduur van een tarief niet krachtens het bepaalde in dit lid verlengd met meer dan twaalf maanden na de datum waarop het tarief anders zou zijn vervallen. 6.9. Behoudens de toepassing van het bepaalde in de voorgaande leden van dit artikel mogen de aangewezen luchtvaartmaatschappij en, met betrekking tot de sectoren van de overeengekomen diensten waarop zij de vervoersrechten van de vijfde vrijheid uitoefenen, hun tarieven aanpassen aan die welke door de luchtvaartmaatschappijen van de derde en vierde vrijheid worden toegepast met betrekking tot dezelfde sectoren. De prijzen die worden toegepast door de luchtvaartmaatschappijen van de vijfde vrijheid mogen niet lager zijn dan, en de tariefvoorwaarden dienen niet minder restrictief te zijn dan die van de bedoelde luchtvaartmaatschappijen van de derde en vierde vrijheid. Ingevolge artikel 1, derde lid, van de Overeenkomst van 30 november 2007 zal, wanneer in deze overeenkomst, met bijlage, wordt verwezen naar luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen van het Koninkrijk der Nederlanden, dit worden begrepen als een verwijzing naar de door het Koninkrijk der Nederlanden aangewezen luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen (Trb. 2019/87). Ingevolge artikel 5, eerste lid, van de Overeenkomst van 30 november 2007 vormen de bepalingen van artikel 5, tweede lid, van de Overeenkomst van 30 november 2007 een aanvulling op de desbetreffende bepalingen van dit artikel (Trb. 2019/87). Ingevolge artikel 6, tweede lid, van de Overeenkomst van 30 november 2007 worden de bepalingen in deze overeenkomst, die niet verenigbaar zijn met dit artikel, eerste lid, van de Overeenkomst van 30 november 2007, niet toegepast (Trb. 2019/87).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel