Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK V

Artikel 26

Artikel 26

Onderdeel van Verdrag inzake de vertegenwoordiging bij de internationale koop van roerende zaken· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

1. Twee of meer Verdragsluitende Staten die dezelfde of nauw verwante rechtsregels hebben met betrekking tot onder dit Verdrag vallende aangelegenheden, kunnen te allen tijde verklaren dat het Verdrag niet van toepassing zal zijn wanneer de vertegenwoordigde en de derde, of, in het geval bedoeld in artikel 2, tweede lid, de vertegenwoordiger en de derde, hun vestiging in die Staten hebben. Dergelijke verklaringen kunnen gezamenlijk of door middel van wederkerige eenzijdige verklaringen worden afgelegd. 2. Een Verdragsluitende Staat die dezelfde of nauw verwante rechtsregels heeft met betrekking tot onder dit Verdrag vallende aangelegenheden als één of meer niet-Verdragsluitende Staten kan te allen tijde verklaren dat het Verdrag niet van toepassing zal zijn wanneer de vertegenwoordigde en de derde of, in het geval bedoeld in artikel 2, tweede lid, de vertegenwoordiger en de derde, hun vestiging in die Staten hebben. 3. Indien een Staat ten aanzien waarvan ingevolge het voorgaande lid een verklaring is afgelegd, vervolgens een Verdragsluitende Staat wordt, zal de verklaring, met ingang van de datum waarop het Verdrag ten aanzien van de nieuwe Verdragsluitende Staat in werking treedt, de werking hebben van een ingevolge het eerste lid afgelegde verklaring, mits de nieuwe Verdragsluitende Staat die verklaring onderschrijft of een wederkerige eenzijdige verklaring aflegt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel