**1.** Elk van de Staten is bevoegd bij het heffen van belasting van zijn inwoners in de grondslag waarnaar de belasting wordt geheven, de bestanddelen van het inkomen of het vermogen te begrijpen die overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst in de andere Staat mogen worden belast.
**2.** Indien een inwoner van Noorwegen voordelen en inkomsten verkrijgt of vermogensbestanddelen bezit die overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst in Nederland mogen worden belast, verleent Noorwegen een vermindering op de inkomstenbelasting of vermogensbelasting van die persoon tot een bedrag dat gelijk is aan de in Nederland betaalde belasting. Zulk een vermindering overschrijdt echter niet dat deel van de Noorse belasting, zoals deze is berekend vóór het verlenen van de vermindering, dat kan worden toegerekend aan de voordelen en inkomsten verkregen uit de vermogensbestanddelen in Nederland.
Voor de toepassing van dit lid worden bij de vaststelling van de Nederlandse belasting de investeringsbijdragen en -toeslagen en de desinvesteringsbijtellingen als bedoeld in de Nederlandse Wet investeringsrekening niet in aanmerking genomen. Voor de toepassing van dit lid worden de belastingen, niet zijnde de vermogensbelasting, waarnaar wordt verwezen in artikel 2, derde lid, onderdeel b en vierde lid, beschouwd als belastingen naar het inkomen.
Niettegenstaande de bepalingen van onderdeel a, zijn dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Nederland aan een lichaam dat inwoner is van Noorwegen vrijgesteld van Noorse belasting, mits de dividenden overeenkomstig de wetgeving van Noorwegen van belasting zouden zijn vrijgesteld indien beide lichamen Noorse lichamen waren geweest, en voorts met dien verstande dat, voor zover het bedrag van de dividenden, door een lichaam dat inwoner is van Nederland over een belastingjaar vastgesteld, dividenden vertegenwoordigt, die dat lichaam, rechtstreeks of door een andere rechtspersoon, in hetzelfde of in een vroeger belastingjaar heeft ontvangen op aandelen van een lichaam dat inwoner is van een derde Staat, de vrijstelling van Noorse belasting slechts wordt verleend voor zover de dividenden, ontvangen op aandelen van het lichaam dat inwoner is van die derde Staat, in Nederland aan vennootschapsbelasting onderworpen zijn geweest, of, indien dit niet het geval is, voor zover de dividenden van Noorse belasting zouden zijn vrijgesteld, indien het Noorse lichaam de aandelen rechtstreeks had bezeten.
**3.** Indien een inwoner van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt of vermogensbestanddelen bezit die volgens artikel 6, artikel 7, artikel 8, tweede lid, artikel 10, zevende lid, artikel 11, derde lid, artikel 12, derde lid, artikel 13, eerste, tweede en derde lid (onderdeel b), artikel 14, artikel 15, eerste lid, artikel 16, artikel 19, eerste lid (onderdeel a), artikel 21, tweede lid, en artikel 22, eerste, tweede en derde lid (onderdeel b), van deze Overeenkomst in Noorwegen mogen worden belast en die in de in het eerste lid bedoelde grondslag zijn begrepen, stelt Nederland deze bestanddelen vrij door een vermindering van zijn belasting toe te staan. Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting. Te dien einde worden genoemde bestanddelen geacht te zijn begrepen in het totale bedrag van de bestanddelen van het inkomen of het vermogen die ingevolge die bepalingen van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld.
Nederland verleent voorts een aftrek op de Nederlandse belasting voor die bestanddelen van het inkomen die volgens artikel 10, tweede lid, artikel 13, vijfde lid, artikel 17, artikel 18, tweede lid en artikel 19, tweede lid (onderdeel a), van deze Overeenkomst in Noorwegen mogen worden belast, in zoverre deze bestanddelen in de in het eerste lid bedoelde grondslag zijn begrepen. Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan de in Noorwegen over deze bestanddelen van het inkomen betaalde belasting, maar bedraagt niet meer dan het bedrag van de vermindering die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld.
HOOFDSTUK V
Artikel 23
Artikel 23
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Noorwegen tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 8 augustus 1998