**1.** Aan het einde van een procedure dient te worden beslist of het dier in leven zal worden gehouden of zal worden gedood volgens een humane methode. Een dier zal niet in leven worden gelaten, zelfs al is zijn gezondheidstoestand hersteld tot normaal in alle andere opzichten, indien het waarschijnlijk is, dat het blijvend pijn of angst zal ondervinden.
**2.** De beslissingen, bedoeld in lid 1 van dit artikel, dienen te worden genomen door een deskundige, in het bijzonder een dierenarts, of door de persoon, die krachtens artikel 13 verantwoordelijk is voor de procedure, of deze heeft uitgevoerd.
**3.** Wanneer, na afloop van een procedure:
een dier in leven dient te worden gehouden, dient het de verzorging te ontvangen passend bij zijn gezondheidstoestand, onder toezicht gesteld te worden van een dierenarts of een andere deskundige en te worden gehouden onder omstandigheden die voldoen aan de vereisten van artikel 5. Van de omstandigheden, vervat in dit sub-lid, mag worden afgeweken wanneer, naar de mening van een dierenarts, het dier niet zou lijden onder de gevolgen van een dergelijk afwijken;
een dier niet in leven dient te worden gehouden of, voor zijn welzijn, niet kan profiteren van de bepalingen van artikel 5 zal het zo snel mogelijk volgens een humane methode gedood worden.
**4.** Geen dier dat is gebruikt in een procedure welke met hevige of langdurige pijn of met hevig of langdurig lijden gepaard ging, onverschillig of anaesthesie of analgesie werd toegepast, mag in een nieuwe procedure worden gebruikt tenzij zijn gezondheidstoestand en zijn welzijn weer normaal zijn geworden, en op voorwaarde dat:
het dier gedurende de gehele nieuwe procedure onder algehele anaesthesie wordt gehouden, welke dient te worden gehandhaafd totdat het dier is gedood; of dat
de nieuwe procedure slechts geringe ingrepen behelst.
DEEL III
Artikel 11
Artikel 11
Onderdeel van Europese Overeenkomst voor de bescherming van gewervelde dieren die worden gebruikt voor experimentele en andere wetenschappelijke doeleinden, zoals gewijzigd door het Protocol tot wijziging· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 1997