Naar hoofdinhoud
1. Wanneer een Gemeenschapsoctrooirechtbank van oordeel is dat de verweerder inbreuk op een Gemeenschapsoctrooi heeft gemaakt of heeft gedreigd te maken, verbiedt zij de verweerder de inbreukmakende handelingen te verrichten, tenzij er speciale redenen zijn om dit niet te verbieden. Zij treft tevens maatregelen overeenkomstig het nationale recht om te waarborgen dat dit verbod wordt nageleefd. 2. In alle andere opzichten past de Gemeenschapsoctrooirechtbank het recht toe van de Verdragsluitende Staat waarin de inbreukmakende handelingen zijn verricht.

Rechtspraak bij dit artikel