**1.** Elke Partij neemt, rekening houdend met de kenmerken van elk beschermd gebied waarover zij soevereiniteit, soevereine rechten of rechtsmacht uitoefent, in overeenstemming met haar nationale wetten en voorschriften en met het internationale recht, geleidelijk de maatregelen die noodzakelijk en uitvoerbaar zijn om de doelstellingen waarvoor het beschermde gebied werd ingesteld te verwezenlijken.
**2.** Bedoelde maatregelen dienen, indien van toepassing, te omvatten:
het reguleren of verbieden van de storting of lozing van afval en andere stoffen die het beschermde gebied kunnen schaden;
het reguleren of verbieden van het zich ontdoen of lozen vanaf de kust van afval of andere stoffen die vervuiling veroorzaken, afkomstig van inrichtingen en bouwprojecten op de kust, uit rioolafvoeren of uit andere bronnen op haar grondgebied;
het reguleren van de doorvaart van schepen, het stilliggen of ankeren en andere scheepsverrichtingen die nadelige milieu-effecten op het beschermde gebied kunnen hebben, zonder afbreuk te doen aan de rechten van onschuldige doorvaart, doortocht, doorvaart via scheepvaartroutes in een archipel en de vrijheid van de scheepvaart, in overeenstemming met het internationale recht;
het reguleren of verbieden van het vissen, jagen, vangen of oogsten van uitstervende of bedreigde dier- en plantesoorten en delen of produkten daarvan;
het verbieden van activiteiten die leiden tot de vernietiging van uitstervende of bedreigde dier- of plantesoorten en delen en produkten daarvan, en het reguleren van andere activiteiten die zodanige soorten, hun leefmilieu of daarmee samenhangende ecosystemen kunnen schaden of verstoren;
het reguleren of verbieden van het uitzetten van niet-inheemse soorten;
het reguleren of verbieden van activiteiten die de exploratie of exploitatie van de zeebodem of de ondergrond daarvan of een verandering van het profiel van de zeebodem inhouden;
het reguleren of verbieden van activiteiten die een verandering van het profiel van de bodem van die stroomgebieden zou kunnen aantasten, erosie en andere vormen van schade aan stroomgebieden, dan wel de exploratie of exploitatie van de ondergrond van het op het land gelegen gedeelte van een marien beschermd gebied inhouden.
het reguleren van archeologische activiteiten en van het verwijderen of beschadigen van voorwerpen die als archeologische voorwerpen kunnen worden beschouwd;
het reguleren of verbieden van handel in en in- en uitvoer van bedreigde of uitstervende diersoorten of delen, produkten of eieren daarvan, en van bedreigde of uitstervende plantesoorten of delen of produkten daarvan en archeologische voorwerpen die uit beschermde gebieden afkomstig zijn;
het reguleren of verbieden van industriële activiteiten en andere activiteiten die niet verenigbaar zijn met de vormen van gebruik waarin voor het gebied is voorzien krachtens nationale maatregelen en/of evaluaties van milieu-effecten overeenkomstig artikel 13; en
het reguleren van toeristische en recreatieve activiteiten die de ecosystemen van beschermde gebieden of het voortbestaan van bedreigde of uitstervende dier- en plantesoorten zouden kunnen bedreigen; en
andere maatregelen gericht op het behoud, de bescherming of het herstel van natuurlijke processen, ecosystemen of populaties waarvoor het beschermde gebied werd ingesteld.
Artikel 5
Beschermingsmaatregelen
Onderdeel van Protocol betreffende speciaal beschermde gebieden en wilde dieren en planten bij het Verdrag inzake de bescherming en ontwikkeling van het mariene milieu in het Caraïbisch gebied· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 17 juni 2000