**1.** Elke Staat die Partij is draagt, in overeenstemming met de nationale regelgeving, zorg voor het scheiden van alle clustermunitie die onder zijn rechtsmacht en zeggenschap valt van de munitie voor operationele inzet en voor het markeren ervan voor vernietiging.
**2.** Elke Staat die Partij is verbindt zich ertoe alle in het eerste lid van dit artikel bedoelde clustermunitie zo snel als mogelijk is, evenwel uiterlijk acht jaar nadat dit Verdrag voor die Staat die Partij is in werking is getreden, te vernietigen of de vernietiging ervan te waarborgen. Elke Staat die Partij is verbindt zich ertoe te waarborgen dat de vernietigingsmethoden voldoen aan de toepasselijke internationale normen voor de bescherming van de volksgezondheid en het milieu.
**3.** Indien een Staat die Partij is meent niet in staat te zijn alle in het eerste lid van dit artikel bedoelde clustermunitie te vernietigen of de vernietiging ervan te waarborgen binnen acht jaar nadat het Verdrag voor die Partij in werking is getreden, kan hij bij een Vergadering van de Staten die Partij zijn of bij een Toetsingsconferentie een verzoek indienen om de termijn voor het voltooien van de vernietiging van dergelijke clustermunitie met ten hoogste vier jaar te verlengen. In uitzonderlijke omstandigheden mag een Staat die Partij is om aanvullende verlengingen van ten hoogste vier jaar verzoeken. De gevraagde verlengingen mogen het aantal jaren dat deze Staat die Partij is strikt genomen nodig heeft om aan zijn verplichtingen ingevolge het tweede lid van dit artikel te voldoen niet overschrijden.
**4.** Elk verzoek om verlenging dient het volgende te omvatten:
de duur van de voorgestelde verlenging;
een gedetailleerde uitleg van de voorgestelde verlenging, met inbegrip van de financiële en technische middelen waarover de Staat die Partij is kan beschikken of die hij nodig heeft voor de vernietiging van alle in het eerste lid van dit artikel bedoelde clustermunitie en, wanneer van toepassing, de uitzonderlijke omstandigheden die deze verlenging rechtvaardigen;
een plan waarin wordt aangegeven hoe de vernietiging van de voorraden zal plaatsvinden en wanneer deze zal zijn voltooid.
de hoeveelheden en soorten clustermunitie en explosieve submunitie die worden aangehouden op het moment waarop dit Verdrag voor die Staat die Partij is in werking treedt en alle andere clustermunitie of explosieve submunitie die na de inwerkingtreding wordt ontdekt;
de hoeveelheden en soorten clustermunitie en explosieve submunitie die tijdens de in het tweede lid van dit artikel bedoelde termijn zijn vernietigd;
en
de hoeveelheden en soorten clustermunitie en explosieve submunitie die nog vernietigd dienen te worden tijdens de voorgestelde verlenging en de hoeveelheid die naar verwachting jaarlijks vernietigd zal worden.
**5.** De Vergadering van de Staten die Partij zijn of de Toetsingsconferentie beoordeelt, rekening houdend met de in het vierde lid van dit artikel bedoelde factoren, het verzoek en besluit met een meerderheid van de stemmen van de Staten die Partij zijn die aanwezig zijn en hun stem uitbrengen of het verzoek om verlenging wordt toegestaan. De Staten die Partij zijn kunnen besluiten een kortere verlenging toe te staan dan waarom werd verzocht en kunnen benchmarks voor de verlenging voorstellen, al naargelang van toepassing. Een verzoek om verlenging wordt ten minste negen maanden voor de Vergadering van de Staten die Partij zijn of de Toetsingsconferentie waar het verzoek zal worden behandeld ingediend.
**6.** Niettegenstaande de bepalingen van artikel 1 van dit Verdrag is het toegestaan een beperkt aantal stuks clustermunitie en explosieve submunitie aan te houden of te verwerven ten behoeve van ontwikkeling en training op het gebied van technieken voor het opsporen, ruimen of vernietigen van clustermunitie en explosieve submunitie, of voor het ontwikkelen van tegenmaatregelen met betrekking tot clustermunitie. De hoeveelheid explosieve submunitie die wordt aangehouden of verworven mag niet groter zijn dan hetgeen voor deze doeleinden strikt noodzakelijk is.
**7.** Niettegenstaande de bepalingen van artikel 1 van dit Verdrag is het toegestaan clustermunitie aan een andere Staat die Partij is over te dragen ten behoeve van vernietiging of ten behoeve van de in het zesde lid van dit artikel omschreven doeleinden.
**8.** Staten die Partij zijn die clustermunitie of explosieve submunitie aanhouden, verwerven of overdragen ten behoeve van de in het zesde en zevende lid van dit artikel omschreven doeleinden dienen een gedetailleerd rapport in van het geplande en feitelijke gebruik van deze clustermunitie en explosieve submunitie alsmede hun type, hoeveelheid en partijnummers. Indien clustermunitie of explosieve submunitie ten behoeve van deze doeleinden aan een andere Staat die Partij is wordt overgedragen dient het rapport een verwijzing naar de ontvangende partij te omvatten. Een dergelijk rapport wordt opgesteld voor ieder jaar waarin een Staat die Partij is clustermunitie of explosieve submunitie aanhoudt, verwerft of overdraagt en dient uiterlijk 30 april van het daaropvolgende jaar bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties te worden ingediend.
Artikel 3
Opslag en vernietiging van voorraden
Onderdeel van Verdrag inzake clustermunitie· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2011