**1.** Elke Staat die Partij is verplicht zich ertoe resten van clustermunitie in door clustermunitie getroffen gebieden die onder zijn rechtsmacht of zeggenschap vallen te ruimen en te vernietigen of de ruiming en vernietiging ervan te waarborgen op de navolgende wijze:
Wanneer resten van clustermunitie zich bevinden in gebieden die onder zijn rechtsmacht of zeggenschap vallen op de datum waarop het Verdrag voor die Staat die Partij is in werking treedt, dienen de ruiming en vernietiging zo spoedig mogelijk te worden voltooid, evenwel uiterlijk tien jaar na deze datum;
Wanneer, nadat dit Verdrag voor die Staat die Partij is in werking is getreden, clustermunitie resten van clustermunitie is geworden die zich bevinden in gebieden die onder zijn rechtsmacht of zeggenschap vallen, dienen de ruiming en vernietiging zo spoedig mogelijk te worden voltooid, evenwel uiterlijk tien jaar na het beëindigen van de daadwerkelijke vijandigheden gedurende welke dergelijke clustermunitie resten van clustermunitie werd; en
Na het nakomen van een van de in de onderdelen a en b van dit lid vervatte verplichtingen, legt de Staat die Partij is een verklaring van naleving af aan de volgende Vergadering van de Staten die Partij zijn.
**2.** Bij het nakomen van zijn verplichtingen ingevolge het eerste lid van dit artikel, neemt elke Staat die Partij is zo spoedig mogelijk de volgende maatregelen en houdt daarbij rekening met de bepalingen van artikel 6 van dit Verdrag inzake internationale samenwerking en bijstand:
het onderzoeken, vaststellen en vastleggen van het gevaar dat gevormd wordt door resten van clustermunitie, waarbij al het mogelijke wordt gedaan om alle door clustermunitie getroffen gebieden die onder zijn rechtsmacht of zeggenschap vallen te identificeren;
het vaststellen van en prioriteiten toekennen aan behoeften in termen van markering, burgerbescherming, ruiming en vernietiging en het nemen van stappen om middelen vrij te maken en een nationaal plan te ontwikkelen om deze activiteiten uit te voeren, daarbij gebruikmakend, wanneer van toepassing, van bestaande structuren, ervaringen en methoden;
het nemen van alle mogelijke stappen om te waarborgen dat alle door clustermunitie getroffen gebieden die onder zijn rechtsmacht of zeggenschap vallen worden gemarkeerd, gemonitord en met hekken of andere middelen worden afgezet teneinde ervoor te zorgen dat deze gebieden onmogelijk door burgers kunnen worden betreden. Bij het markeren van gebieden ten aanzien waarvan het vermoeden bestaat dat zij gevaarlijk zijn dienen waarschuwingsborden te worden gebruikt op basis van markeringsmethoden die voor de getroffen gemeenschap gemakkelijk herkenbaar zijn. Borden en andere markeringen van de omtrek van gevaarlijke gebieden dienen voor zover mogelijk zichtbaar, leesbaar, duurzaam en tegen omgevingsinvloeden bestand te zijn en dienen duidelijk te maken aan welke zijde van de gemarkeerde grens het door clustermunitie getroffen gebied ligt en welke zijde als veilig wordt beschouwd;
het ruimen en vernietigen van alle resten van clustermunitie in de gebieden die onder zijn rechtsmacht of zeggenschap vallen; en
het geven van voorlichting op het gebied van risicobeperking om de burgers die in of in de nabijheid van door clustermunitie getroffen gebieden wonen bewust te maken van de gevaren van dergelijke resten.
**3.** Bij het uitvoeren van de in het tweede lid van dit artikel bedoelde activiteiten, houdt elke Staat die Partij is rekening met de internationale normen, met inbegrip van de International Mine Action Standards (internationale normen met betrekking tot mijnen).
**4.** Dit lid is van toepassing in gevallen waarin clustermunitie door een Staat die Partij is is gebruikt of is achtergelaten voordat dit Verdrag voor die Staat die Partij is in werking trad en resten van clustermunitie is geworden die zich bevinden in gebieden die onder de rechtsmacht of zeggenschap vallen van een andere Staat die Partij is op het moment waarop dit Verdrag voor laatstgenoemde Staat in werking trad.
In dergelijke gevallen wordt de eerstgenoemde Staat die Partij is, nadat dit Verdrag voor beide Staten die Partij zijn in werking is getreden, ten zeerste aangemoedigd de laatstgenoemde Staat die Partij is onder andere technische, financiële, materiële en personele ondersteuning te bieden, hetzij bilateraal, hetzij door een door beide partijen overeengekomen derde partij, waaronder via de organen van de Verenigde Naties of andere relevante organisaties, teneinde het markeren, ruimen en vernietigen van dergelijke resten van clustermunitie te vergemakkelijken.
Dergelijke ondersteuning omvat, wanneer beschikbaar, informatie over de typen en hoeveelheden clustermunitie die zijn gebruikt, nauwkeurige locaties van clustermunitie-inslagen en gebieden waarvan bekend is dat er zich resten van clustermunitie bevinden.
**5.** Indien een Staat die Partij is meent niet in staat te zijn binnen tien jaar nadat dit Verdrag voor die Staat die Partij is in werking is getreden de in het eerste lid van dit artikel bedoelde resten van clustermunitie te ruimen en te vernietigen of de ruiming en vernietiging ervan te waarborgen, kan hij een verzoek indienen bij de Vergadering van de Staten die Partij zijn of bij een Toetsingsconferentie voor een verlenging van de uiterste termijn voor het voltooien van de ruiming en vernietiging van dergelijke resten van clustermunitie met een tijdvak van ten hoogste vijf jaar. De gevraagde verlenging mag het aantal jaren dat deze Staat die Partij is strikt genomen nodig heeft om aan zijn verplichtingen ingevolge van het eerste lid van dit artikel te voldoen niet overschrijden.
**6.** Een verzoek om verlenging dient te worden ingediend bij een Vergadering van de Staten die Partij zijn of bij een Toetsingsconferentie voordat het in het eerste lid van dit artikel genoemde tijdvak voor die Staat die Partij is verstrijkt. Elk verzoek dient ten minste negen maanden voor aanvang van de Vergadering van de Staten die Partij zijn of de Toetsingsconferentie waarop het verzoek wordt besproken te worden ingediend. Elk verzoek dient het volgende te omvatten:
de duur van de voorgestelde verlenging;
een gedetailleerde uitleg van de redenen voor de voorgestelde verlenging, met inbegrip van de financiële en technische middelen waarover de Staat die Partij is kan beschikken en die hij nodig heeft voor de ruiming en vernietiging van alle resten van clustermunitie gedurende de voorgestelde verlenging;
de voorbereiding van toekomstige werkzaamheden en de stand van de reeds uitgevoerde werkzaamheden in het kader van nationale (mijn) ruimingsprogramma’s gedurende het in het eerste lid van dit artikel bedoelde eerste tijdvak van tien jaar en eventuele verlengingen daarna;
het totale gebied waar zich op het tijdstip waarop dit Verdrag voor die Staat die Partij is in werking trad resten van clustermunitie bevonden en eventuele aanvullende gebieden met resten van clustermunitie die na de inwerkingtreding zijn ontdekt;
het totale gebied met resten van clustermunitie dat sinds de inwerkingtreding van dit Verdrag is geruimd;
het totale gebied met resten van clustermunitie dat gedurende de voorgestelde verlenging nog dient te worden geruimd;
de omstandigheden die de Staat die Partij is hebben belet alle resten van clustermunitie in de gebieden die onder zijn rechtsmacht of zeggenschap vallen te vernietigen gedurende het in het eerste lid van dit artikel bedoelde eerste tijdvak van tien jaar en de omstandigheden die mogelijk een beletsel vormen tijdens de voorgestelde verlenging;
de humanitaire, sociale, economische en milieugevolgen van de voorgestelde verlenging; en
alle overige informatie die voor de aanvraag van de voorgestelde verlenging relevant is.
**7.** De Vergadering van de Staten die Partij zijn of de Toetsingsconferentie, rekening houdend met de in het zesde lid van dit artikel bedoelde factoren,waaronder de gerapporteerde hoeveelheden resten van clustermunitie, beoordeelt het verzoek en besluit met een meerderheid van de stemmen van de Staten die Partij zijn die aanwezig zijn en hun stem uitbrengen of de verlenging wordt toegestaan. De Staten die Partij zijn kunnen besluiten een kortere verlenging toe te staan dan die waarom werd verzocht en kunnen benchmarks voor de verlenging voorstellen, al naargelang van toepassing.
**8.** Na indiening van een nieuw verzoek, in overeenstemming met het vijfde, zesde en zevende lid van dit artikel, kan nogmaals een verlenging worden toegestaan van ten hoogste vijf jaar. Het door een Staat die Partij is ingediende verzoek om aanvullende verlenging dient te worden vergezeld van relevante aanvullende informatie over hetgeen is ondernomen tijdens de vorige verlenging die ingevolge dit artikel werd toegestaan.
Artikel 4
Ruiming en vernietiging van resten van clustermunitie en voorlichting op het gebied van risicobeperking
Onderdeel van Verdrag inzake clustermunitie· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2011