Naar hoofdinhoud

Artikel XXIV

Artikel XXIV

Onderdeel van Verdrag inzake de instandhouding van de levende rijkdommen in de Antarctische wateren· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 25 maart 1990

1. Om de verwezenlijking van het bij dit Verdrag gestelde doel te bevorderen en ervoor te zorgen dat de bepalingen van dit Verdrag worden nageleefd, komen de Verdragsluitende Partijen overeen dat er een waarnemings- en inspectiesysteem zal worden ingesteld. 2. Het waarnemings- en inspectiesysteem wordt uitgewerkt door de Commissie, die daarbij uitgaat van de volgende beginselen: De Verdragsluitende Partijen werken met elkaar samen om een doeltreffende toepassing van het waarnemings- en inspectiesysteem te waarborgen en houden daarbij rekening met de bestaande internationale gebruiken. Dit systeem voorziet onder meer in procedures voor het aan boord gaan en het inspecteren van vaartuigen door waarnemers en inspecteurs die door de leden van de Commissie zijn aangewezen, en in procedures voor het vervolgen van de vlaggestaat en het opleggen van sancties aan deze Staat op grond van bewijsmateriaal dat is verzameld bij bezoeken aan boord en inspecties. Een verslag over de ingestelde vervolging en de opgelegde sancties dient deel uit te maken van de in artikel XXI van dit Verdrag bedoelde inlichtingen; Voor het toezicht op de naleving van de krachtens dit Verdrag vastgestelde maatregelen vinden waarnemingen en inspecties plaats aan boord van vaartuigen die betrokken zijn bij het wetenschappelijk onderzoek of de exploitatie van mariene levende rijkdommen in het gebied waarop dit Verdrag van toepassing is; deze werkzaamheden worden verricht door waarnemers en inspecteurs die door de leden van de Commissie zijn aangewezen en hun werk uitvoeren overeenkomstig door de Commissie vast te stellen bepalingen en voorwaarden; De aangewezen waarnemers en inspecteurs blijven onder de jurisdictie vallen van de Verdragsluitende Partij waarvan zij onderdaan zijn. Zij brengen verslag uit aan het lid van de Commissie dat hen heeft aangewezen; dit lid brengt op zijn beurt verslag uit aan de Commissie. 3. In afwachting van de vaststelling van het waarnemings- en inspectiesysteem streven de leden van de Commissie ernaar tussentijdse regelingen te treffen voor de aanwijzing van waarnemers en inspecteurs; de aldus aangewezen waarnemers en inspecteurs mogen inspecties verrichten overeenkomstig de beginselen die in het tweede lid hierboven zijn vermeld.

Rechtspraak bij dit artikel