Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Europese Overeenkomst inzake de bescherming van landbouwhuisdieren· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 22 oktober 1981

1. Er dient binnen een jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst een Permanente Commissie te worden ingesteld. 2. Iedere Overeenkomstsluitende Partij heeft het recht een vertegenwoordiger in deze Permanente Commissie aan te wijzen. Iedere Staat die lid is van de Raad van Europa en geen Overeenkomstsluitende Partij is, heeft het recht in de Commissie door een waarnemer te worden vertegenwoordigd. 3. De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa roept de Permanente Commissie bijeen telkens wanneer hij dit nodig oordeelt, en in elk geval wanneer een meerderheid van de vertegenwoordigers van de Overeenkomstsluitende Partijen of de vertegenwoordiger van de Europese Economische Gemeenschap, die zelf Overeenkomstsluitende Partij is, daarom verzoekt. 4. Een meerderheid van de vertegenwoordigers van de Overeenkomstsluitende Partijen vormt het quorum voor het houden van een bijeenkomst van de Permanente Commissie. 5. De Permanente Commissie neemt beslissingen bij meerderheid van stemmen; voor het volgende is echter eenparigheid van de uitgebrachte stemmen vereist: de aanvaarding van de aanbevelingen, bedoeld in het eerste lid van artikel 9; de beslissing andere waarnemers toe te laten dan die welke zijn bedoeld in het tweede lid van dit artikel; de aanvaarding van het in artikel 13 bedoelde verslag, dat evenwel onderling afwijkende opvattingen mag bevatten. 6. De Permanente Commissie stelt, met inachtneming van de bepalingen van deze Overeenkomst, haar eigen huishoudelijk reglement op.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel