**(1).** Meningsverschillen omtrent de uitlegging of toepassing van de bepalingen van deze Overeenkomst, die rijzen tussen een deelnemer en het Fonds of tussen deelnemers onderling, worden ter beslissing voorgelegd aan het College van Bewindvoerders. Indien een deelnemende Staat die niet in het College is vertegenwoordigd door een bewindvoerder van zijn eigen nationaliteit in bijzondere mate bij het desbetreffende meningsverschil is betrokken, is hij gerechtigd zich in zulke gevallen rechtstreeks te doen vertegenwoordigen. Zodanige rechten van vertegenwoordiging worden geregeld door de Raad van Bestuur.
**(2).** In elk geval waarin het College van Bewindvoerders ingevolge het eerste lid een beslissing heeft genomen, kan een deelnemer verzoeken de zaak naar de Raad van Bestuur te verwijzen, tegen wiens oordeel geen beroep mogelijk is. Hangende de beslissing van de Raad van Bestuur kan het Fonds, voor zover het dit nodig acht, handelen op grond van de beslissing van het College van Bewindvoerders.
HOOFDSTUK X
Artikel 52
Uitlegging
Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van het Afrikaanse Ontwikkelingsfonds· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 30 juni 1973