Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Paraguay inzake geregeld luchtvervoer· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 13 december 1974

1. De door beide Overeenkomstsluitende Partijen aangewezen luchtvaartmaatschappijen zullen op billijke en gelijke wijze worden behandeld bij de exploitatie van de overeengekomen diensten op de omschreven routes. 2. Bij de exploitatie van de overeengekomen diensten zal de door elk der Overeenkomstsluitende Partijen aangewezen luchtvaartmaatschappij rekening houden met de belangen van de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij, ten einde de diensten die deze laatste maatschappij op de gehele route of een gedeelte daarvan exploiteert niet onnodig schade te berokkenen. 3. De overeengekomen diensten die de door elk der Overeenkomstsluitende Partijen aangewezen luchtvaartmaatschappij exploiteert, hebben als voornaamste doel de verschaffing, op basis van een redelijke beladingsgraad, van capaciteit die voldoet aan de normale en redelijkerwijze te verwachten behoeften aan internationaal luchtvervoer van of naar het grondgebied van de Overeenkomstsluitende Partij die de luchtvaartmaatschappij heeft aangewezen. 4. Er kan een aanvullende capaciteit worden verschaft voor het vervoer van passagiers, vracht en post, die worden opgenomen en afgezet op punten van de omschreven routes op het grondgebied van andere staten dan de staat die de luchtvaartmaatschappij heeft aangewezen. Deze aanvullende capaciteit dient te zijn afgestemd op de volgende algemene beginselen: de vervoersbehoeften tussen het land van oorsprong en de landen van bestemming; de vervoersbehoeften van het gebied dat op de route van de luchtdienst ligt, daarbij rekening houdende met de lokale en regionale luchtdiensten; de eisen welke de exploitatie van lange afstandsdiensten stelt. Ingevolge artikel 1, derde lid, van de Overeenkomst van 22 februari 2007 zal, wanneer in de bilaterale Overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen van het Koninkrijk der Nederlanden, dit worden begrepen als een verwijzing naar de door het Koninkrijk der Nederlanden aangewezen luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen (Trb. 2019/68). Ingevolge artikel 1, derde lid, van de Overeenkomst van 22 februari 2007 zal, wanneer in de bilaterale Overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen van het Koninkrijk der Nederlanden, dit worden begrepen als een verwijzing naar de door het Koninkrijk der Nederlanden aangewezen luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen (Trb. 2019/68).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel