Indien is vastgesteld dat een veeziekte op het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen de neiging heeft zich uit te breiden, heeft de andere Partij, na voorafgaand overleg met de Overeenkomstsluitende Partij op wier grondgebied de veeziekte is uitgebroken, het recht, zolang er besmettingsgevaar bestaat, de invoer en de doorvoer van dieren en dierlijke produkten, alsmede van alle produkten die de besmetting kunnen overbrengen, te verbieden of te beperken.
Artikel 14
Artikel 14
Onderdeel van Veterinaire Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek Bulgarije· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 19 november 1972