Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Russische Federatie inzake internationaal vervoer over de weg· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 3 december 2010

1. Een vergunning zoals bedoeld in artikel 5 van deze Overeenkomst is niet vereist voor vervoer: door wegvoertuigen voor het vervoer waarvan het toegestane totaalgewicht in beladen toestand, met inbegrip van een aanhangwagen, niet meer bedraagt dan 6 ton, of wanneer het toegestane gewicht aan lading, met inbegrip van aanhangwagens, niet meer bedraagt dan 3,5 ton; van goederen op onregelmatige basis, naar of vanuit luchthavens, in gevallen waarin luchtdiensten gedwongen worden omgeleid; van voertuigen die zijn beschadigd of onklaar geraakt; van medische voorzieningen, apparatuur en medicijnen voor noodsituaties, in het bijzonder naar aanleiding van natuurrampen en voor humanitaire doeleinden; van kunstwerken en -voorwerpen, apparatuur en benodigdheden voor beurzen en tentoonstellingen; van eigendommen, toebehoren en dieren naar of van theater-, muziek-, film- of circusvoorstellingen, sportevenementen, beurzen of feesten, en van die welke bestemd zijn voor radio-opnamen of voor film- of televisieprogramma’s; van lichamen en as van overledenen, en van postzendingen. 2. Een vergunning is evenmin vereist voor de doortocht van voertuigen voor technische assistentie bestemd voor de reparatie of het slepen van wegvoertuigen voor het vervoer die onklaar zijn geraakt. 3. De in het eerste lid, onderdelen 5 en 6, van dit artikel bedoelde uitzonderingen zijn uitsluitend van toepassing in gevallen waarin de lading wordt geretourneerd aan de Staat waar het wegvoertuig voor het vervoer is geregistreerd of wordt uitgevoerd naar een derde Staat.

Rechtspraak bij dit artikel