Naar hoofdinhoud
1. Elke partij kan een geschil dat verband houdt met de toepassing of de interpretatie van deze overeenkomst aan de gemengde commissie voorleggen. 2. De gemengde commissie behandelt het geschil overeenkomstig artikel 41, lid 1, onder c) en d). 3. Indien een partij meent dat de andere partij een van haar verplichtingen krachtens de overeenkomst niet is nagekomen, kan zij passende maatregelen treffen. Behalve in bijzondere spoedeisende gevallen dient hij, alvorens zulks te doen, aan de gemengde commissie alle ter zake doende informatie te verstrekken die nodig is voor een grondige bestudering van de situatie met het oog op het vinden van een voor beide partijen aanvaardbare oplossing. 4. Voor de juiste interpretatie en praktische toepassing van deze overeenkomst komen de partijen overeen dat de in lid 3 genoemde term „bijzondere spoedeisende gevallen” een inbreuk ten gronde op de overeenkomst door een van de partijen betekent. Een inbreuk ten gronde houdt in: afwijzing van de overeenkomst die niet strookt met de algemene regels van het internationaal recht, of schending van een essentieel element van de overeenkomst als vermeld in artikel 1, lid 1, artikel 3, lid 2, en artikel 35. 5. Hierbij moeten in eerste instantie maatregelen worden gekozen die de goede werking van de overeenkomst het minst verstoren. De andere partij zal onmiddellijk op de hoogte gebracht worden van deze maatregelen; op verzoek van de andere partij wordt daaromtrent overleg gepleegd in de gemengde commissie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel