Naar hoofdinhoud
Iedere Overeenkomstsluitende Partij neemt de verplichting op zich om overeenkomstig haar wetgeving, of overeenkomstig iedere andere eventueel in te voeren gunstiger wetgeving, machtiging te verlenen: tot het overmaken van reële netto winsten, renten, dividenden en anderszins verschuldigde bedragen toekomende aan natuurlijke of rechtspersonen, onderdanen van, of gevestigd in de andere Partij; tot het overmaken van de opbrengst van de gehele of gedeeltelijke liquidatie van investeringen die zijn goedgekeurd door het land waarin zij waren gedaan; tot het overmaken van een passend deel van de uit arbeid verworven inkomsten van onderdanen van de andere Partij, die toestemming hebben hun werkzaamheden op haar grondgebied uit te oefenen.

Rechtspraak bij dit artikel