Indien een Partij goederen, rechten of belangen van natuurlijke of rechtspersonen, onderdanen van of gevestigd in de andere Partij, mocht onteigenen of nationaliseren of mocht overgaan tot een maatregel waardoor die natuurlijke of rechtspersonen het bezit wordt ontnomen, dient zij, overeenkomstig het internationale recht, te voorzien in een doeltreffende en passende schadevergoeding.
Het bedrag van deze schadevergoeding, dat op het ogenblik van de onteigening, de nationalisatie of het ontnemen van het bezit moet worden vastgesteld, dient zonder ongerechtvaardigde vertraging aan de rechthebbende te worden uitgekeerd. Het bedrag van deze schadevergoeding wordt zonder ongerechtvaardigde vertraging overgemaakt. De onteigening, nationalisatie en het ontnemen van het bezit mogen echter noch discriminatoir, noch in strijd met een specifieke verbintenis zijn.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Overeenkomst inzake economische en technische samenwerking tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Kameroen· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 7 mei 1966