Ten einde de samenwerking tussen de beide landen, zowel op het gebied van het onderwijs, als op dat van de beoefening en de toepassing van wetenschap, te bevorderen, verbinden de Overeenkomstsluitende Partijen zich met name ertoe op basis van wederkerigheid:
de uitwisseling van en contacten tussen hoogleraren, andere geleerden en studenten, alsmede de samenwerking tussen de universiteiten en andere instellingen van wetenschapsbeoefening te bevorderen;
op overeenkomstige wijze de samenwerking te bevorderen tussen deskundigen en instellingen op het gebied van het voortgezet onderwijs, waaronder begrepen het technisch onderwijs en het kunstonderwijs;
studiebeurzen te verstrekken, ten einde onderdanen van het andere land in de gelegenheid te stellen aan hun instellingen van wetenschapsbeoefening en onderwijs te studeren of hun onderscheiden landen voor studiedoeleinden te bezoeken;
na te gaan onder welke omstandigheden het mogelijk zou zijn de gelijkwaardigheid te erkennen van door universiteiten en andere instellingen van hoger onderwijs van het andere land verleende diploma's, en de mogelijkheid te onderzoeken daartoe afzonderlijke regelingen te treffen;
de uitwisseling te bevorderen van afvaardigingen en particuliere deskundigen in verschillende, in onderling overleg nader te bepalen, takken van techniek.
Artikel I
Artikel I
Onderdeel van Culturele Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Volksrepubliek Polen· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 8 mei 1968