Elke Overeenkomstsluitende Partij neemt de verplichting op zich, ten aanzien van de andere Overeenkomstsluitende Partij en voor zover de wetgeving van de eerste Partij zulks toelaat, het volgende te vergemakkelijken:
het organiseren door de andere Overeenkomstsluitende Partij en haar onderdanen van economische en commerciële tentoonstellingen en soortgelijke manifestaties op haar grondgebied;
de invoer, vrij van rechten, van goederen, materialen en uitrusting voor gebruik bij zodanige tentoonstellingen en soortgelijke manifestaties mits zij binnen een bepaald tijdvak weer worden uitgevoerd;
de invoer, vrij van rechten, van goederen, materialen en uitrusting voor gebruik bij technische werkzaamheden ten behoeve van overheidsinstellingen of particuliere ondernemingen, mits zij binnen een bepaald tijdvak weer worden uitgevoerd;
de wederuitvoer, vrij van rechten, van de goederen, materialen en uitrusting bedoeld onder b) en c);
de verkoop van goederen, materialen en uitrusting bedoeld onder b) en c) op het grondgebied waar zij zijn gebruikt, onder voorbehoud betaling van rechten.
HOOFDSTUK I
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Overeenkomst inzake economische samenwerking tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Indonesië· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 17 juli 1971